De Oude Acht van Lede: Een koersfeest waar traditie en toekomst samenkomen.

Met medewerking van ons Nieuwskanaal DENDER JOURNAAL.

VZW De Nieuwe Melckenbeeckvrienden zijn klaar voor hun Oude 8 van Lede volgende week vrijdag 1 augustus.
Facebook
LinkedIn
WhatsApp
X

Op vrijdag 1 augustus is het opnieuw koers in het hart van Lede. Niet zomaar een koers, maar de Oude Acht van Lede, een koersdag die niet alleen stevig verankerd zit in het collectieve geheugen van de streek, maar ook vandaag nog springlevend is dankzij het onmisbare werk van VZW De Nieuwe Melckenbeeckvrienden. Onder de bezielende leiding van voorzitter Rutger Goeman en een enthousiast team van vrijwilligers staan er drie wedstrijden op het programma: voor nieuwelingenFun Heren en eliterenners zonder contract en beloften. Naast sportief spektakel vormt het feestdorp aan het station het kloppend hart van het gebeuren, met optredens, gezelligheid en streekgebonden sfeer die Lede in vuur en vlam zet.

Vorig jaar won Aksel Decaestecker bij de nieuwelingen.

Een traditie van meer dan 90 jaar koerspassie.

De wortels van deze wielerklassieker gaan terug tot de beginjaren dertig van de vorige eeuw. In die periode werd in Lede de eerste Grote Prijs georganiseerd onder de vlag van het Vlaams Huis, een koers voor beroepsrenners. In 1934 werd dit de legendarische Grote Prijs Moerenhout, een naam die tot 1958 bleef voortleven. Nadien kreeg de koers een nieuwe identiteit als de Grote Prijs Frans Melckenbeeck, genoemd naar de succesvolle beroepsrenner en Ledenaar die onder meer etappes won in de Ronde van Frankrijk en tal van klassiekers reed.

Dat deze koers vandaag nog bestaat, mag gerust een klein mirakel genoemd worden. In een tijd waarin het aantal kermiskoersen in Vlaanderen elk jaar afneemt, blijft De Oude Acht overeind – dankzij een groep geëngageerde mensen met een hart voor koers én hun dorp.

De motor achter de koers: VZW De Nieuwe Melckenbeeckvrienden.

Aan het stuur van deze organisatie staat Rutger Goeman, die als secretaris het vak leerde van zijn voorganger Eric Van Der Meersche en uiteindelijk zelf de fakkel overnam.

“Het is een heel engagement,” vertelt Goeman. “De voorbereiding begint maanden op voorhand: aanvragen, parcoursbeveiliging, communicatie, sponsoring, vrijwilligers aansturen… En dat in een klimaat waarin sponsoring elk jaar moeilijker wordt, verzekeringen duurder zijn en alles steeds meer moet gebeuren via digitale kanalen. Gelukkig kunnen we rekenen op een trouwe ploeg.”

Die ploeg bestaat onder meer uit Kurt Goeman (webdesign & communicatie), Kris Govaert, Mario Bauwens, Arne Van Hauwermeiren, Maarten Malfroy, Dirk Bonnarens en Stijn Clotman. Allemaal mensen met een verleden bij KSA Lede, en allemaal handen die klaarstaan bij opbouw, afbraak en alles daartussenin.

“Onze motivatie? De glimlach van het publiek, de dankbaarheid van de renners, en de fierheid van een dorp dat koerst als erfgoed koestert.”

2024: Funwedstrijd heren – winnaar Gianni Cooman.

Het parcours: tactisch, snel en niet te onderschatten.

Het circuit van 2,5 km, gelegen rond het station van Lede, moet meermaals worden afgelegd afhankelijk van de categorie. Wat op papier misschien eenvoudig lijkt, vereist in werkelijkheid veel koersinzicht. Bochtige passages, lange rechte stroken en verraderlijke versnellingen zorgen voor een technisch parcours waar positionering en timing cruciaal zijn.

Renners die te lang wachten, kunnen ingesloten geraken. Wie te vroeg aanvalt, loopt het risico opgebrand te zijn op het einde. Renners met koersintelligentie en een sterke sprint zijn hier in het voordeel, al heeft de wind en het weer vaak ook een stevige invloed op het koersverloop.

16u00 – Nieuwelingen: jong geweld op het scherpst van de snee.

De openingswedstrijd van de dag is er één voor de nieuwelingen. De jonge renners – van wie sommigen pas een jaar geleden hun eerste wedstrijd reden – starten om 16u00 en krijgen 40 kilometer voorgeschoteld, goed voor 16 ronden. Inschrijven kan vanaf 15u00 in fietsenwinkel De Fietserij, waar ook de prijsuitreiking zal plaatsvinden.

Lokaal talent op scherp: Lars Van Der Eecken en Matheo Thys.

Lars Van Der Eecken (centraal met blauwe trui).

Lars Van Der Eecken (Lede).

Lars Van Der Eecken kijkt met voldoening terug op zijn tweede koersjaar. Hoewel hij pas sinds vorig jaar actief is als wielrenner, maakte hij in korte tijd opmerkelijke vooruitgang. “Mijn seizoen verloopt goed. Ik heb al veel vooruitgang geboekt ten opzichte van vorig jaar, zeker als je weet dat ik pas sinds vorig jaar begon met koersen,” vertelt hij nuchter maar tevreden.

De basis voor die vooruitgang werd gelegd tijdens de buitenlandse stage van zijn ploeg De Bondt – Veranda’s in aanloop naar het seizoen. “Ik voelde mezelf dag na dag verbeteren. Ik kreeg daar ook een heel goede begeleiding onder leiding van Timmy Van Cleemputte, waar ik de ploeg dankbaar voor ben. Het heeft me echt geholpen om stappen vooruit te zetten.” Het resultaat bleef dan ook niet uit. In Oordegem voelde Lars zich al veel sterker dan het jaar ervoor en kon hij dat ook omzetten in een degelijke koers.

Toch ging het parcours van het seizoen niet zonder hindernissen. In Drieslinter kreeg hij af te rekenen met een klapband, en amper twee weken later werd hij in Herzele letterlijk van de fiets geduwd, met een pijnlijke val als gevolg. Gelukkig bleef de schade relatief beperkt. “Twee weken later kon ik in Evergem een mooie prestatie neerzetten, waar ik derde werd. Halverwege de koers vielen we daar aan met een groepje van acht. In de sprint begon ik als laatste, maar ik kon nog als derde finishen.” Een bevestiging van het goede werk en het groeiende zelfvertrouwen.

Na de GP Vermarc volgde een onvermijdelijke rustperiode van drie weken wegens de examens. “Daarna ben ik opnieuw beginnen trainen en reed ik in Ottergem, puur om te voelen hoe mijn benen waren na die pauze. Ik merkte dat mijn niveau wat gezakt was, wat normaal is. In de weken nadien voelde ik de conditie snel terugkomen en begonnen de betere resultaten te volgen.”

Die lijn trok hij ook effectief door. In Herzele-Borsbeke durfde hij aanvallen in de slotkilometer en mocht hij opnieuw op het podium. “Ik werd uiteindelijk derde, nadat een renner in de laatste 50 meter nog uit mijn wiel kwam. Ik was tevreden, het goede gevoel was terug!”

Een week later werd in Budingen duidelijk dat wielrennen niet alleen fysieke, maar ook mentale veerkracht vraagt. “Ik voelde me goed en volgde een aanval op een klein klimmetje. We reden met twee weg en kwamen dichter bij de kopgroep. Helaas kwam ik ten val, mede door het gladde wegdek. Ik sprong meteen weer op mijn fiets, maar mijn ketting was volledig geblokkeerd. Het peloton kwam intussen voorbij en ik kreeg de ketting er niet meer op, waardoor ik de koers moest verlaten.”

Ondanks die pech en tegenslagen kan Lars terugblikken op enkele mooie prestaties. “Ik heb dit seizoen nog geen overwinning behaald, maar wel twee mooie podiumplaatsen.” Vooral de derde plaats in Evergem, na een lange ontsnapping van meer dan een halve koers, gaf hem een formidabel gevoel. “Mijn tweede derde plaats kwam er in Herzele-Borsbeke, na een aanval in de slotkilometer.”

Zijn trainingsschema volgt hij nauwgezet onder begeleiding van coach Wim De Wolf, met wie hij sinds dit jaar samenwerkt. “Ik voel dat dit echt loont,” klinkt het overtuigd. Voor de komende wedstrijden blijft hij met beide voeten op de grond. “In Lede wil ik natuurlijk graag goed presteren, zeker voor eigen volk. Maar ik leg mezelf geen onnodige druk op. Vorig jaar reed ik deze koers nog als eerstejaars en moest ik vooral volgen en ervaring opdoen. Dit jaar hoop ik actiever mee de koers te maken en wat meer spektakel te brengen.”

Maar voor het zover is, staat er donderdag eerst nog een nieuwe uitdaging op het programma: zijn allereerste klimkoers, in Couvin. “Omdat het mijn eerste is, kijk ik er extra hard naar uit.” Daarna volgen nog Kooigem en Lede, met aansluitend enkele regionale koersen in onder meer Haaltert, Denderhoutem en Uitbergen, waar hij vorig jaar sterk reed. “Hopelijk kan ik dat dit jaar herhalen.”

Lars Van Der Eecken heeft in korte tijd veel geleerd, hard gewerkt en zichzelf al meermaals bewezen. Het palmares is nog in opbouw, maar het fundament is gelegd. Met zijn gedrevenheid, nuchtere blik en doorzettingsvermogen belooft het parcours dat nog volgt minstens even interessant te worden als het seizoen tot nu toe.

Matheo Thys.

Matheo Thys (Papegem).

Matheo Thys is nog maar een eerstejaars nieuweling, maar zijn koersverhaal leest nu al als een kleine odyssee. Wie hem vandaag over de Vlaamse wegen ziet razen in het shirt van A.S. Construct – Castaar Cycling Team, zou niet meteen vermoeden dat zijn sportieve roots op een heel ander terrein liggen. Tot zijn elfde trapte hij immers nog tegen een bal bij KVC Jong Lede. Zijn liefde voor het wielrennen ontkiemde pas tijdens de coronaperiode, maar bloeide razendsnel open tot een passie die nu zijn leven beheerst.

“Ik was elf jaar en speelde al sinds mijn achtste bij Jong Lede”, vertelt Matheo. “Ik begon op gewestelijk niveau, en mijn laatste jaar voetbalde ik op IP-niveau. Technisch was ik nooit de beste, maar dankzij mijn doorzettingsvermogen en conditie kon ik me toch onderscheiden. Alleen moest ik wel steeds opboksen tegen jongens die technisch sterker waren.”

De coronapandemie betekende het (onbewuste) keerpunt. “Tijdens de lockdowns vielen de trainingen en wedstrijden weg. Maar fietsen mocht nog. Ik zat boordevol energie en mijn ouders werden soms een beetje gek van mij thuis,” lacht Matheo. “Dus begon ik steeds vaker rond te rijden met mijn fiets, en dat begon ik steeds leuker te vinden. Toen ik hoorde dat mijn papa vroeger ook gekoerst had, begon het écht te kriebelen.”

Lang duurde het niet vooraleer Matheo zijn eerste koers reed. “We vroegen mijn promovergunning aan, en mijn debuut was in Beveren. Zonder ploeg, met een veel te kleine fiets. Ik bleef een halve wedstrijd achteraan het peloton hangen – ik durfde nog niet echt tussen de anderen rijden. Daarna moest ik lossen, maar ik werd niet laatst. Vanaf dat moment wist ik: dit is iets voor mij.”

Dit seizoen rijdt Matheo voor het sterke A.S. Construct – Castaar Cycling Team. Als eerstejaars nieuweling werd de lat bewust niet te hoog gelegd. “Onze doelstelling was simpel: de wedstrijden uitrijden. Je moet als eerstejaars dubbel zoveel kilometers afleggen als bij de aspiranten, en je rijdt ook tegen oudere renners. In het begin was het wennen aan de massa renners, maar intussen durf ik goed in het peloton te rijden. Doordat ik niet groot ben, kan ik me daar ook goed in verstoppen. Ik heb al een paar mooie top-10-plaatsen kunnen verzamelen.”

Die progressie blijft niet onopgemerkt. Zijn club gunt hem intussen ook deelname aan grotere interclubs. “Dankzij die wedstrijden heb ik veel ervaring kunnen opdoen. Die neem ik dan mee naar de reguliere koersen. Het zijn leermomenten die mij echt sterker maken.”

Matheo heeft al enkele opvallende resultaten op zijn palmares. “Als eerstejaars aspirant reed ik een paar keer top drie, onder andere in Haaltert, Leeuwergem en Affligem. Maar mijn mooiste moment toen was het Provinciaal Kampioenschap op de piste in Affligem, waar ik verrassend derde werd. Ik koers nog maar een jaar, dus dat was echt speciaal.”

Ook dit seizoen kon hij al een bijzonder moment noteren: “In mijn tweede interclub, in Sint-Katelijne-Waver, werd ik 23ste en derde eerstejaars. Daar was ik super trots op. Mijn mama, papa en zus leven heel erg mee met mijn koers, dus als het goed gaat, is iedereen blij.”

Matheo kijkt reikhalzend uit naar de koers in Lede, zijn thuisbasis. “Ik heb het parcours al verschillende keren verkend. Ik ken die wegen als mijn broekzak, maar ik blijf ze herhalen. Samen met mijn trainer hebben we mijn trainingsschema aangepast zodat ik in topvorm aan de start kan staan.”

Toch speelt er ook wat gezonde spanning. “Een thuiswedstrijd zorgt voor extra stress, maar ook voor veel supporters langs de kant. Als ik mensen mijn naam hoor roepen, dan krijg ik altijd een extra boost. Ik verwacht een snelle wedstrijd waarin misschien een paar renners zullen proberen wegrijden. Ik hoop mee te zijn en mijn kans te kunnen wagen.”

En dan is er nog het Belgische Kampioenschap, op 10 augustus in Putte. “Ik heb me kandidaat gesteld, maar we hebben nog geen bevestiging of ik geselecteerd ben. Ik hoop er stiekem op. Dat zou een droom zijn.”

Na het BK volgen nog enkele vertrouwde koersen: Haaltert, Uitbergen en Erpe staan op de kalender. “Op die wedstrijden wil ik nog eens alles geven en proberen om mooi te eindigen.”

Bij Matheo Thys is het duidelijk: koers is geen hobby, maar een passie die in het hele gezin wordt gedragen. Zijn verhaal is er één van inzet, leergierigheid en vooral veel liefde voor de fiets. Van een jongen met te veel energie tijdens corona, tot een jonge renner met een stevige ambitie en al een paar mooie resultaten op zak — Matheo is klaar om nog veel meer in beweging te zetten.

17u30 – Fun Heren: koersplezier met competitiedrang.

De tweede koers van de dag start om 17u30 en is bedoeld voor de Fun Heren: recreatieve renners die met passie koersen en die ook naast de fiets een druk leven leiden. Ook zij rijden 16 ronden van 2,5 km, goed voor 40 km koers.

Jordy Van De Winkel.

Jordy Van De Winkel (Aalst): pieken naar Lede én Denderhoutem.

Jordy combineert wielrennen met een ander levenstempo. Na het beëindigen van het voorbije voetbalseizoen heeft hij de draad van het wielrennen opnieuw serieus opgepikt. Waar het tijdens de voetbalmaanden nog eerder beperkt bleef tot occasionele ritten, is de trainingsintensiteit sinds de herstart opnieuw stevig opgedreven. “Ik train intussen 4 à 5 keer per week en klok gemiddeld af op een 250 kilometer per week. Dat begint stilaan terug te tellen.”

Inmiddels heeft hij al vijf koersen in de benen en de progressie is merkbaar. “Mijn resultaten tot nu toe: 5e, 12e, 9e, 25e en 21e. Ik ben daar persoonlijk heel tevreden mee, zeker als je weet dat ik vorig jaar minder constant was. Ik voel ook echt dat het steeds beter gaat, zowel conditioneel als qua koersinzicht.”

Op vrijdag 1 augustus staat de volgende afspraak op het programma: de kermiskoers in Lede. Een klassieker die hem nauw aan het hart ligt. “Het is al het derde jaar op rij dat ik start in Lede. Altijd al graag gekoerst daar. Maar dit jaar is het nog specialer. De wedstrijd passeert letterlijk aan de woning die ik gekocht heb en waar ik binnenkort zal wonen. Dat maakt het ergens een beetje een thuiswedstrijd.”

De voorbereiding op die wedstrijd verloopt dan ook met extra toewijding. “Ik leef er wel wat naartoe. Ben al een paar keer het parcours gaan verkennen, wat cijfers van vorige edities bekeken en probeer gewoon te voelen of ik goed zit. Het parcours is me bekend, maar het blijft koers: je weet nooit hoe het loopt.”

Over verwachtingen blijft hij realistisch, maar ook hoopvol. “Ik leg mezelf geen druk op. Maar stiekem hoop ik toch eens op een podiumplaats. Gewoon om eens te mogen kiezen, om koers te kunnen maken in plaats van ondergaan. Het zal sowieso moeilijk zijn, want het niveau ligt hoog, maar dromen mag.”

Na Lede verschuift zijn focus naar de volgende grote afspraak: Denderhoutem, op 29 augustus. “Die koers staat echt met stip op mijn kalender. Daar wil ik echt goed zijn. Dat is zowat de enige wedstrijd waar ik naar piek dit jaar. Voor de rest bekijk ik het week per week en zie ik wel welke koersen er op de kalender staan.”

Met een degelijke trainingsbasis, een reeks bemoedigende uitslagen en een duidelijk doel voor ogen, lijkt hij klaar om deze zomer sportieve stappen te zetten. Eerst richting Lede, dan Denderhoutem – telkens met ambitie, maar vooral met veel goesting.

Het podium bij de eliterenners zonder contract en beloften vorig jaar.

19u00 – Elite zonder contract & beloften: GP Albert Vastgoed.

De apotheose van de dag is weggelegd voor de eliterenners zonder contract en beloften, de semi-profs die het peloton kleuren in regionale topkoersen. Zij starten om 19u00 en leggen maar liefst 70 km af, goed voor 28 ronden. Deze koers draagt de naam GP Albert Vastgoed, als blijk van waardering voor hun jarenlange steun. De koersen wordt live becommentarieerd door Electro Freddy Schollaert, met Robin Van Melkebeke als pilootwagen. Beleving en sfeer gegarandeerd.

Feestdorp met optredens: koers, muziek en gezelligheid.

Na de laatste koers gaat het programma naadloos over in het avondfeest. In het feestdorp aan het station treden eerst de rockcoverband Pretty Fly op, gevolgd door The Crowd, een ambiancegroep met onder andere Steven en Lieven D’Hondt – muzikale sfeer verzekerd tot in de late uurtjes. Het feestdorp biedt ook drank- en eetstandjes, springkastelen voor de kinderen en een gezellige plek om samen na te praten over de koers.

Toekomstvisie: de editie 2026 zit al in de pijplijn.

Ondanks de uitdagingen denkt men bij de organisatie al aan de toekomst. “We bekijken hoe we de koersdag in 2026 nog beter kunnen maken. Misschien met extra randanimatie, een jeugdtijdrit of een retrokoers. De vernieuwing is nodig om jonge generaties aan te spreken”, besluit voorzitter Rutger Goeman.

Praktisch en contact:

  • Start & aankomst: Station Lede.
  • 16u00 Nieuwelingen – 17u30 Fun Heren – 19u00 Elite z/c.
  • Inschrijving & prijsdeling: De Fietserij, Stationsstraat 48.
  • Meer info: www.deoude8vanlede.be

Op zoek naar een fotograaf in eigen streek? Eline en Kristof van KEST Photo zorgen voor een perfect afgewerkte reportage.

Huwelijk, communie, portret of new born? KEST Photo zorgt voor unieke beelden en een professinoele omkadering.

fout: Inhoud is beschermd.