Met zijn 18 jaar staat de Zonnegemnaar Oskar De Meester aan het begin van een veelbelovende wielercarrière. De overstap van de juniorencategorie naar de beloften is voor veel renners een stevige sprong, maar De Meester lijkt zich stap voor stap aan te passen aan het hogere niveau. Als renner van DL Chemicals – Experza zoekt hij zijn weg tussen ervaren U23-renners en zelfs elite zonder contract, met een duidelijke focus: groeien als klimmer en zijn plaats afdwingen in zowel kermiskoersen als grotere wedstrijden.
Bewuste keuze voor een ploeg op maat
Aanvankelijk mikte De Meester op een plaats in een devo-ploeg, maar toen die piste op het einde van het seizoen wegviel, moest hij heroriënteren. “Dan ben ik op zoek gegaan naar de ploeg die het beste bij mij paste,” vertelt hij.
Die zoektocht bracht hem bij DL Chemicals – Experza, een keuze die niet toevallig tot stand kwam. “Zowel als gewone renner, maar specifiek als klimmer voelde deze ploeg juist aan. Veel mensen uit de koerswereld, die er echt verstand van hebben, hebben mij deze ploeg aangeraden.”
Vooral het uitgebreide programma gaf de doorslag. “Het is ongelooflijk wat ze allemaal kunnen rijden in een seizoen,” klinkt het overtuigd.
Wennen aan een hoger niveau
De overstap van U19 naar de beloften is geen evidentie. Waar hij bij de junioren tot de oudste lichting behoorde, is De Meester nu plots de jongste in een categorie met renners die tot vier jaar ouder zijn.
“Die eerste koersen waren zwaarder dan verwacht en niet per se zoals gehoopt,” geeft hij eerlijk toe. “Maar dat is elk jaar een beetje zo. Ik moet altijd even in het ritme komen.”
Intussen lijkt die aanpassingsperiode achter de rug. “De laatste weken zijn heel goed geweest. Zowel in koers als op training voel ik me echt goed.”
Voorlopig ligt de focus op kermiskoersen. “Daar wil ik eerst opnieuw het niveau halen dat ik bij de junioren had. Gewoon meekoersen zoals ik wil. In mijn tweede seizoen hoop ik dan ook in grotere koersen echt mijn ding te kunnen doen. Ik start niet om uit te rijden, zo koers ik niet.”
Sterk op langere beklimmingen, werkpunt op explosiviteit
Zijn profiel als klimmer wordt steeds duidelijker. Tijdens onder meer de Muur van Hoei Classic, een UCI-wedstrijd, kon De Meester zich meten met het peloton op de langere beklimmingen.
“Daar voelde ik mij echt goed en kon ik mee. Maar op de Muur van Hoei zelf merkte ik dat die explosieve inspanning mij minder ligt.”
Dat verschil met de meer rijpe U23-renners is volgens hem logisch. “Je voelt dat die renners er fysiek al staan. Maar ik hoop dat dat verschil tegen het einde van het seizoen al een stuk kleiner is.”
Verrassend sterk in het PK tijdrijden
Een opvallende prestatie leverde De Meester in het provinciaal kampioenschap tijdrijden, waar hij zesde werd en tweede eindigde bij de eerstejaars beloften.
“Dat had ik totaal niet verwacht,” geeft hij toe. “Top tien zou al mooi geweest zijn.” De prestatie kwam er niet toevallig. Hij kende het parcours perfect en investeerde in nieuw materiaal. “Het was een hele zoektocht naar een vol achterwiel, maar dat is gelukt. Mijn positie op de fiets is nu ook veel beter.”
Hoewel tijdrijden niet meteen zijn specialiteit is, ziet hij er wel potentieel in. “Qua watt per kilo zit ik goed, maar absolute vermogens zijn minder mijn sterkte. Toch heb ik hier mijn beste waarden ooit gereden. En eens je in het ritme zit, vind ik het echt wel leuk.”
Met een duidelijk paceplan van zijn trainer kon hij gefocust rijden. “Je weet exact welke wattages je moet rijden. Dat geeft rust en controle.”
De ambitie groeit: “Ik hoop ooit eens geselecteerd te worden voor een testtijdrit. In een rittenwedstrijd zou ik er zeker niet tegenop kijken.”
PK op de weg: sterk gevoel, gemiste kans
Ook in het provinciaal kampioenschap op de weg bevestigde De Meester zijn vorm, al bleef hij achteraf met gemengde gevoelens achter. Het was een zware koers van 150 kilometer, een van zijn langste van het seizoen. Ondanks een numeriek nadeel – zijn ploeg startte met vijf renners tegenover een team met 22 – reed hij een actieve wedstrijd.
“Ik voelde me de hele koers sterk. Hoe langer het duurde, hoe beter ik me voelde.” De wedstrijd eindigde in een massasprint bergop, normaal een aankomst die hem ligt. Toch liep het mis in de finale. “Ik zat op 500 meter van de aankomst plots links op kop. Dan komen ze met snelheid over je en moet je reageren. Ik had vroeger moeten aangaan, maar ik heb te lang gewacht.”
Hij finishte uiteindelijk als negende, opnieuw tweede eerstejaars. “Negende is goed, maar het verschil met vijfde is groot. Ik denk echt dat er meer in zat. Misschien zelfs podium.” De ontgoocheling is groot, net omdat hij weet dat het anders had gekund. “Het is mijn eigen fout. Dat maakt het zuur.”
Klimmer in hart en nieren
Met zijn 1m78 en 60 kilogram heeft De Meester het typische profiel van een klimmer. “Vroeger was ik klein en fijn, nu iets groter maar nog altijd licht. Bergop is dat mijn voordeel.”
Dat vertaalt zich ook in de koers. “In kermiskoersen wordt er vaak heel hard gereden, maar zodra er een helling in zit, voel ik dat het vlot gaat.” Zelfs in de weinige grote koersen die hij al reed, merkte hij dat hij op langere hellingen goed mee kan.
Druk programma en gerichte opbouw
De komende weken blijft De Meester actief in wedstrijden die hem liggen. Zo start hij vandaag in Herfelingen en trekt hij morgen naar Beselare. Deze beide wedstrijden passen perfect in zijn ontwikkelingsplan: ervaring opdoen, sterker worden en stap voor stap groeien richting een hoger niveau.
Besluit
Oskar De Meester bevindt zich in een cruciale fase van zijn carrière. De overgang naar de beloften vraagt tijd en aanpassing, maar zijn recente prestaties tonen duidelijk dat hij de juiste weg bewandelt. Met zijn klimcapaciteiten, groeiende zelfkennis en kritische blik op zijn eigen prestaties legt hij een stevige basis voor de toekomst.
De combinatie van talent, werkethiek en ambitie maakt van de Zonnegemnaar een renner om in de gaten te houden. Als hij zijn progressie kan doortrekken en zijn werkpunten – zoals explosiviteit en koersinzicht in finales – verder aanscherpt, lijkt het slechts een kwestie van tijd voor hij ook in grotere wedstrijden zijn stempel zal drukken.

