Het seizoen 2025 was er voor Sune De Valck één met pieken en dalen. De talentvolle eerstejaarsjunior combineerde een sterk wegprogramma met een intens pisteseizoen en zette daarbij knappe prestaties neer op internationaal niveau. Tegelijk kreeg hij af te rekenen met pech, ziekte en fysieke ongemakken die een volledig zorgeloos seizoen in de weg stonden. In dit uitgebreide interview blikt De Valck openhartig terug op zijn voorbije campagne, zijn hoogtepunten, de teleurstellingen én zijn ambities richting 2026.

Wat waren je persoonlijke doelstellingen en deze binnen je ploeg voor 2025?
“Mijn persoonlijke doelstellingen voor 2025 waren om als eerstejaarsjunior vooral goed te presteren in de grotere juniorenkoersen. Daarnaast wilde ik me tonen om selecties af te dwingen voor het EK en WK op de piste. Dat was eigenlijk de rode draad doorheen mijn seizoen: stappen zetten op internationaal niveau en mezelf meten met de beste renners van mijn leeftijd.”
Hoe verliep het afgelopen seizoen?
“Het seizoen begon eerlijk gezegd niet spetterend. Ik kampte met tandproblemen en mijn positie op de fiets klopte niet helemaal. Dat zorgde ervoor dat ik niet meteen mijn niveau haalde. Maar eens die twee problemen verholpen waren, liep het een heel stuk beter. Ik kwam beter tot mijn recht, zeker in de zwaardere koersen.
Helaas kreeg ik vlak voor het WK piste zware griep. Daardoor kon ik allesbehalve top aan het WK beginnen. Eigenlijk was mijn seizoen toen al zo goed als voorbij, want na die griep moest de conditie opnieuw van nul worden opgebouwd.”
Wat waren je belangrijkste prestaties?
“Mijn absolute hoogtepunt was mijn overwinning in Gent-Wevelgem voor junioren, een UCI 1.1-wedstrijd. Daarnaast won ik ook een etappe in de Côte-d’Or Classic in Frankrijk, een UCI 1.2-koers. Ik behaalde bovendien nog enkele podiumplaatsen in internationale UCI-wedstrijden.
Op de piste was er, ondanks de griep, ook nog een vijfde plaats op het WK afvalling. Dat was toch een resultaat waar ik trots op ben, gezien de omstandigheden.”
Ben je tevreden over je seizoen?
“Over de maanden waarin ik zonder problemen of ziekte kon fietsen, ben ik wel tevreden. Maar natuurlijk had ik graag een volledig seizoen zonder pech gereden. Dan pas had ik echt kunnen zien waar ik had kunnen uitkomen qua prestaties. Hopelijk blijf ik in 2026 gespaard van ziekte of andere tegenslagen.”
Wat zijn je plannen tijdens de winter en hoe bereid je je voor op volgend seizoen?
“Tijdens de winter koers ik vooral op de piste en werk ik mijn trainingen verder af met het oog op het wegseizoen. Na de Belgische kampioenschappen op de piste trek ik een week richting Spanje om daar een goede trainingsweek af te werken. Dat is voor mij de ideale manier om met een sterke basis aan het wegseizoen te beginnen.”
Je bent ook actief op de piste. Hoe blik je terug op je pisteseizoen tot nu toe?
“Ik heb zowel het EK als het WK mogen rijden. Op het EK werd ik vijfde in de puntenkoers en op het WK vijfde in de afvalling. Daarnaast won ik de driedaagse van Aigle en ook al een meeting in Gent. Over het algemeen mag ik dus zeker niet klagen over mijn pisteseizoen. Enkel op het EK en WK had het voor mij persoonlijk nog iets beter gemogen.”
Je werd Belgisch kampioen omnium. Hoe heb je je voorbereid op dit kampioenschap en wat betekent die nationale trui voor jou?
“Ik heb de trainingsschema’s van mijn trainer Kristof De Baets exact opgevolgd. Daardoor voelde ik me week na week sterker worden. De opbouw naar de BK’s verliep perfect. Ik had vooral het omnium aangestipt, omdat dit de meest complete en ook de meest prestigieuze discipline is om te winnen.
Ik wist dat het niet makkelijk zou worden, want er is een brede groep sterke pistierenners bij de junioren. Maar ik heb er doelgericht naartoe gewerkt en het is gelukt. Daar ben ik enorm tevreden mee. Alles wat er eventueel nog bijkomt op de volgende BK’s is eigenlijk bonus.”
De Valck blikte nadien ook met een glimlach terug op enkele opvallende momenten:
“Ik dacht dat onze puntenkoers over honderd ronden ging, maar net voor de start vernam ik dat het er maar tachtig waren. Daardoor besloot ik meteen om al van bij de eerste sprints vol te gaan. Dat bleek een goede keuze. De laatste tien ronden waren echt genieten.”
Ook de afvallingsrace kende een bijzonder scenario: “Op een bepaald moment reed ik alleen op kop. Ik dacht dat Robbe Maesschalck nog bij mij zat, maar hij bleek de ronde ervoor al uitgeschakeld te zijn. Zo leek het even alsof ik een individuele tijdrit reed”, lacht hij. “Met de vierde plaats was ik achteraf zeker tevreden.”
We hoorden dat je terugkeert naar Van Moer. Waarom deze overstap?
“Ik heb me altijd goed gevoeld bij Van Moer, dus voor mij was het een logische keuze om terug te keren. Ik vind er een programma op mijn maat. Ik weet wat ik aan hen heb en zij weten wat ze aan mij hebben. De juniorenkern voor 2026 oogt sterk en ik verwacht dat we als ploeg een heel mooi seizoen zullen rijden.”
Wat verwacht je van je tweede jaar als junior?
“Ik hoop vooral gespaard te blijven van pech en ziekte. Als dat lukt, denk ik dat ik het mooie dat ik afgelopen jaar heb laten zien kan herhalen en liefst nog een stap hoger kan zetten. Ik wil goed presteren in de UCI-wedstrijden en zo opnieuw selecties voor de nationale ploeg afdwingen.”
Een vriendschap die verder reikt dan de koers: Sune en Bart De Cubber.
Wat begint langs de zijlijn van een wielerwedstrijd, kan soms uitgroeien tot iets veel groters. Zo ook bij Sune en Bart De Cubber. Hun band ontstond niet in de spotlights, maar groeide jaar na jaar uit tot een warme, oprechte vriendschap die zowel op als naast de fiets voelbaar is.
Bart De Cubber komt al enkele jaren trouw supporteren bij de piste- en wegwedstrijden van Sune. Aanvankelijk was het enthousiasme van Bart eenvoudig en puur: hij vroeg af en toe of ze samen op de foto konden. Die kleine momenten vormden echter de aanzet tot gesprekken, gedeelde ervaringen en uiteindelijk een hechte vriendschap. “Daarna zijn we aan de praat geraakt en zo is er een vriendschap ontstaan tussen ons,” vertelt Sune.
Voor Sune betekent de aanwezigheid van Bart langs het parcours enorm veel. “Ik vind het echt geweldig wanneer Bart aanwezig is op mijn wedstrijden,” klinkt het oprecht. De koers bracht hen samen, maar hun band overstijgt intussen het sportieve. Ook buiten de wedstrijden zoeken ze elkaar op. Wanneer Sune aan zee is, maakt Bart soms een dag vrij om samen tijd door te brengen. “Dan maken we er gewoon een leuke dag van,” zegt Sune. Kleine momenten, maar met een grote betekenis.
Wat hun vriendschap zo bijzonder maakt, is de wederzijdse steun. Bart is er steevast om Sune aan te moedigen in de koers, maar die steun gaat in twee richtingen. Sune was op zijn beurt aanwezig om Bart te steunen bij zijn verkiezing tot Prins Carnaval Andersvaliden. Het is die vanzelfsprekende loyaliteit die hun band zo sterk maakt.
De woorden van Bart De Cubber spreken boekdelen over wat deze vriendschap voor hem betekent. “Vandaag ben ik in mijn prinsenkostuum naar het Belgisch Kampioenschap geweest in Gent, in het Vlaamse Wielercentrum Eddy Merckx. Niet zomaar, maar om te supporteren voor mijn allerbeste vriend Sune,” getuigt hij. De emotie spat van zijn woorden wanneer hij terugblikt op die dag. “Sune betekent echt ongelooflijk veel voor mij. Mijn steun voor hem komt recht uit mijn hart.”
Dat Sune die dag Belgisch kampioen werd, maakte het moment nog intenser. “En vandaag heeft hij het waargemaakt: Sune is Belgisch kampioen. Dat moment alleen al was onvergetelijk,” aldus Bart. Maar wat hem het diepst raakte, was niet enkel de titel. “Toen Sune mij liet weten dat hij dit zonder mijn steun nooit had kunnen bereiken, deed mij dat zó veel deugd. Het bewijst hoe sterk onze band is.”
De woorden waarmee Bart afsluit, vatten alles samen: “Sune zit voor altijd in mijn hart. Hij is en blijft mijn held.” Het is een uitspraak die perfect illustreert dat sport niet alleen draait om prestaties en medailles, maar ook om mensen, verbondenheid en echte vriendschap.
In een wereld waarin resultaten vaak centraal staan, tonen Sune en Bart dat de mooiste overwinningen soms buiten het klassement liggen. Hun verhaal is er één van wederzijds respect, oprechte steun en een band die ontstaan is langs de koers, maar die intussen veel verder reikt dan de finishlijn.
Besluit.
Sune De Valck heeft ondanks een hobbelig seizoen bewezen dat hij over uitzonderlijk potentieel beschikt, zowel op de weg als op de piste. Met overwinningen in prestigieuze UCI-koersen, een Belgische titel omnium en internationale topresultaten zette hij zich stevig op de kaart. Met een terugkeer naar een vertrouwde omgeving bij Van Moer en duidelijke ambities richting EK’s, WK’s en grote wegwedstrijden, kijkt De Valck met vertrouwen uit naar 2026. “Als ik een volledig seizoen zonder tegenslag kan rijden,” besluit hij, “dan hoop ik écht te kunnen tonen waar mijn limieten liggen.”
