Praktijkproef toont hoe samenwerking knotbeheer betaalbaarder kan maken en snoeihout een nieuwe bestemming kan geven.

Facebook
LinkedIn
WhatsApp
X

Knotbomen en houtkanten vervullen een belangrijke rol in het landbouwlandschap. Ze helpen water vasthouden, beschermen de bodem, bieden beschutting en versterken de biodiversiteit. Om die functies te behouden, is regelmatig en deskundig beheer nodig. Dat beheer vraagt vandaag echter veel organisatie, tijd en middelen, waardoor een gezamenlijke aanpak een duidelijke meerwaarde biedt. Met het LEADER-project ‘Van Tronk tot Snipper’ onderzochten Stad Geraardsbergen, Regionaal Landschap Vlaamse Ardennen tot Dender, Boerennatuur, ILvA en tien landbouwers hoe het beheer gezamenlijk en efficiënter kan worden aangepakt. Tegelijk werd bekeken hoe het vrijgekomen hout lokaal kan worden verwerkt en opnieuw benut.

“Landbouwers willen hun knotbomen goed onderhouden, maar individueel is het moeilijk om de werken, de aannemer en de afvoer van het hout allemaal zelf te organiseren. Door de bomen van verschillende landbouwers te bundelen, werd dat veel haalbaarder”, zegt landbouwer Patrick Mertens.

543 knotbomen in twee winters

Tijdens twee winterseizoenen werden 543 knotbomen beheerd. Door verschillende locaties te combineren, konden aannemers en machines efficiënter worden ingezet en werden planning, administratie en opvolging centraal georganiseerd. Het snoeihout werd ter plaatse verhakseld en afgevoerd voor verdere toepassing.

De economische nacalculatie kwam binnen het project uit op een gemiddelde positieve balans van ongeveer 11 euro per boom. Dat resultaat kwam tot stand dankzij een combinatie van beheerovereenkomsten van de Vlaamse Landmaatschappij, gemeentelijke subsidies, de bijdrage van ILvA voor het hakselen en de biomassa, en de begeleiding binnen het project.

“De praktijkproef toont dat knotbeheer betaalbaar kan worden, maar niet op zichzelf. De financiële ondersteuning, de bundeling van de werken en een nuttige bestemming voor het hout moeten samenkomen”, zegt Joost-Pim Balis van Boerennatuur.

Ook de uitvoering leverde concrete lessen op. Landbouwers kunnen kosten beperken door bepaalde werkzaamheden zelf uit te voeren, zoals het handmatige bijwerk na het machinale knotten. Daarnaast is de juiste timing belangrijk. Te frequent knotten levert weinig biomassa op, terwijl achterstallig beheer de werken zwaarder, duurder en risicovoller maakt.

Van snoeihout naar lokale grondstof

Het project keek niet alleen naar het knotten zelf, maar ook naar de bestemming van het hout. Houtsnippers kunnen onder meer worden gebruikt voor warmteproductie, compostering of als bodemverbeteraar.

Om die toepassingen mogelijk te maken, moeten kwaliteit, volumes, transport en afzet goed op elkaar worden afgestemd. Partners uit de afval- en biomassaketen zijn daarom een noodzakelijke schakel: zij kunnen ervoor zorgen dat het hout niet als reststroom eindigt, maar effectief een nieuwe toepassing krijgt.

Slotevent als startpunt voor het vervolg

Met het slotevent wordt het project afgerond, maar het traject stopt daar niet. De betrokken partners gaan opnieuw rond de tafel om te bekijken hoe het gezamenlijke knotbeheer ook na het project kan worden voortgezet. Doel daarbij is om de aanpak te verbreden naar andere eigenaars van knotbomen en houtkanten en naar andere gemeenten in de regio.

“De meerwaarde van dit project zit niet alleen in het beheer van de knotbomen, maar ook in de samenwerking die errond is ontstaan. Als Regionaal Landschap nemen we daarin een verbindende rol op: we brengen landbouwers, overheden en partners uit de afval- en biomassaketen samen en begeleiden hen naar een aanpak die ook op langere termijn werkt”, besluit Ruben De Coninck, coördinator van Regionaal Landschap Vlaamse Ardennen tot Dender.

Op zoek naar een fotograaf in eigen streek? Eline en Kristof van KEST Photo zorgen voor een perfect afgewerkte reportage.

Huwelijk, communie, portret of new born? KEST Photo zorgt voor unieke beelden en een professinoele omkadering.

error: Inhoud is beschermd.