De verstrenging van het vergunningenbeleid voor nachtwinkels, minimarkten en kapperszaken zorgt voor een politieke confrontatie in Aalst. Nadat PRO Aalst een klacht indiende bij de gouverneur, reageert burgemeester Christoph D’Haese (N-VA) bijzonder scherp. Hij verdedigt de nieuwe regelgeving en stelt dat de stad hiermee een duidelijk signaal wil geven aan ondernemingen die betrokken zijn bij ondermijnende criminaliteit.
De gemeenteraad gaf op 27 oktober 2026 groen licht voor het nieuwe beleid. Het voorstel werd goedgekeurd met 30 stemmen voor en 8 onthoudingen. Zowel Groen als Vooruit onthielden zich. Geen enkel raadslid stemde tegen. Ook Vlaams Belang schaarde zich achter de strengere aanpak, al nam gemeenteraadslid Steve Herman niet deel aan de stemming.
Dat PRO Aalst vervolgens naar de gouverneur stapte, is bij D’Haese duidelijk in het verkeerde keelgat geschoten. De burgemeester zegt verbaasd te zijn over het verzet tegen maatregelen die volgens hem noodzakelijk zijn om de leefbaarheid en veiligheid in de Aalsterse winkelstraten te beschermen. Hij wijst er bovendien op dat PRO Aalst geen vertegenwoordigers heeft in de gemeenteraad.
Geen heksenjacht op bonafide handelaars
De kritiek van PRO Aalst richt zich onder meer op het feit dat bepaalde beroepsgroepen door de nieuwe regelgeving geviseerd zouden worden. D’Haese verwerpt die interpretatie met klem. Volgens hem gaat het niet om een algemene verdenking tegenover nachtwinkels, minimarkten of kapperszaken, maar om het creëren van instrumenten waarmee de stad malafide handelspraktijken beter kan aanpakken.
De burgemeester benadrukt dat ondernemers die hun zaak op een correcte manier uitbaten niets te vrezen hebben. Integendeel, het beleid moet volgens hem net bescherming bieden aan handelaars die zich wel aan de regels houden.
“Het enige wat ik samen met mijn collega’s en medewerkers beoog te bekomen, is om de ondernemer te goeder trouw te beschermen en te onderscheiden van de ondernemer te kwader trouw. Deze laatsten moeten geweerd worden uit de Aalsterse winkelstraten”, stelt D’Haese.
Strengste beleid van Vlaanderen
Het uitwerken van de nieuwe regelgeving verliep volgens de burgemeester niet zonder juridische uitdagingen. De stad moest een evenwicht vinden tussen een doortastende aanpak van verdachte handelsactiviteiten en een rechtszeker kader voor ondernemers die hun activiteiten op een legitieme manier uitoefenen.
D’Haese zegt dat hij samen met zijn collega’s en de betrokken stadsmedewerkers intensief heeft gewerkt aan een reglement dat zowel streng als juridisch verdedigbaar is. Hij bestempelt het resultaat zelfs als het strengste vergunningenbeleid van Vlaanderen.
Voor de burgemeester is de doelstelling duidelijk: Aalst moet aantrekkelijk blijven voor eerlijke ondernemers, terwijl praktijken die de lokale economie ondermijnen geen plaats mogen krijgen in het straatbeeld.
“Elke handelaar met correcte en juiste bedoelingen is en blijft meer dan welkom in onze stad. Elke vorm van ondermijnende criminaliteit moet worden geweerd. Noch min, noch meer”, besluit Christoph D’Haese.
Bron: Gazet Ajoin – foto: Swirko.

