Een week na hun schitterende prestaties op het Belgisch indoorkampioenschap kregen Lowie De Meyer en Floor Smet opnieuw een mooie kans op het internationale toneel. Beide jonge atleten werden door Atletiek Vlaanderen geselecteerd voor een scholiereninterland (U18) in het Duitse Dortmund, waar ze de Vlaamse kleuren verdedigden in het kogelstoten. In deze interland namen ploegen uit Vlaanderen, Wallonië, Nederland, Luxemburg en de Duitse regio Westfalen het tegen elkaar op.
Terwijl in Dortmund het allerlaatste indoormoment van het seizoen werd afgewerkt, werd er op hetzelfde moment ook buiten geworpen in Burcht. Daar kwamen tweedejaars cadet Mats Bouche en eerstejaars belofte Inge Eeckhout in actie. Beide wedstrijden leverden interessante prestaties op en vormden een waardevolle ervaring voor de betrokken atleten.
Zenuwen spelen parten bij Lowie De Meyer
In de Helmut Körnig Halle in Dortmund mocht tweedejaars scholier Lowie De Meyer om 13 uur het spits afbijten in het kogelstoten. Met de nodige spanning, maar ook veel goede moed, begon hij aan zijn wedstrijd. Het werd echter een moeizaam concours waarin hij niet helemaal zijn vertrouwde niveau kon halen.
Uiteindelijk liet De Meyer een beste poging van 14 meter en 44 centimeter opmeten, goed voor een zesde plaats. Niet meteen het resultaat waarop hij had gehoopt, maar de omstandigheden en de zenuwen van een eerste internationale ervaring speelden ongetwijfeld een rol. Bovendien bleek uit de resultaten dat ook andere atleten onder hun normale niveau bleven, wat aangeeft dat de druk bij velen voelbaar was.
Floor Smet knokt zich naar degelijke zesde plaats
Om 14.40 uur was het de beurt aan eerstejaars scholier Floor Smet. Ook bij haar verliep het begin van de wedstrijd niet zoals gehoopt. Haar eerste drie pogingen waren er volgens eigen zeggen snel te vergeten. Toch slaagde Smet erin om zich te herpakken.
In haar vierde en laatste poging vond ze de rust en het vertrouwen terug. Met een meer ontspannen stoot liet ze uiteindelijk een degelijke 12 meter en 36 centimeter noteren. Ook zij eindigde daarmee op een zesde plaats. Jammer genoeg volgden er geen extra pogingen meer, want het was duidelijk dat er nog meer in zat zodra de spanning wat was verdwenen.
Sterke teamprestatie van Atletiek Vlaanderen
Ondanks de individuele resultaten leverde Atletiek Vlaanderen als team een sterke prestatie af. De Vlaamse selectie eindigde op een knappe tweede plaats in het klassement. Het Nederlandse team bleek het sterkst en telde uiteindelijk 36 punten meer. Vlaanderen hield op zijn beurt 63 punten voorsprong op het team van de Franstalige atletiekliga LBFA.
Na afloop van de wedstrijden was er ook ruimte voor verbroedering. De Vlaamse atleten mengden zich met hun Waalse collega’s, wat zorgde voor een mooie groepsfoto en een gezellige afsluiter van een sportieve dag. Het onderstreepte nogmaals de positieve sfeer waarin deze interland werd afgewerkt.
Waardevolle leerschool voor jonge atleten
Voor veel deelnemers betekende deze interland hun eerste internationale ervaring. Dat bracht vanzelfsprekend de nodige spanning met zich mee, maar tegelijk vormt zo’n wedstrijd een bijzonder leerrijke stap in de ontwikkeling van jonge atleten.
Het meten met buitenlandse tegenstanders, vaak van hoog niveau, biedt immers een belangrijke kans om ervaring op te doen en te groeien. Initiatieven zoals deze interland spelen daarom een waardevolle rol binnen de jeugdontwikkeling van de atletieksport.
Tegelijk leeft binnen de atletiekwereld het gevoel dat een interland toch anders blijft dan een internationaal kampioenschap. De ervaring van een EK of WK is immers van een totaal andere orde. Daarom blijft het belangrijk om hierover een open en volwassen debat te blijven voeren, zodat jonge atleten op een eerlijke en doordachte manier de juiste kansen krijgen. #FairCriteria