De stad Aalst zal haar tien stadsfonteinen binnenkort opnieuw in werking stellen. Na maanden, en in sommige gevallen jaren, van onderbrekingen kiest het stadsbestuur ervoor om de installaties opnieuw aan te sluiten op het leidingwater. Daarmee moet een einde komen aan de regelmatige periodes waarin de fonteinen droogvielen en tijdelijk buiten werking waren.
De beslissing betekent een opvallende koerswijziging. Tot nu toe probeerde de stad de fonteinen zo veel mogelijk op regenwater te laten draaien, vanuit duurzaamheidsoverwegingen. Maar in de praktijk bleken de beperkte buffercapaciteiten onder de fonteinen een hardnekkig probleem.
Fonteinen vielen te vaak droog
De voorbije jaren lagen verschillende fonteinen in Aalst regelmatig stil. De onderliggende reservoirs zijn te klein om lange droge periodes te overbruggen. Bij warm weer verdampt er dagelijks ongeveer één kubieke meter water. Daardoor kunnen de bekkens op amper drie dagen tijd volledig leeg raken.
Zodra dat gebeurt, vallen de fonteinen automatisch droog, tenzij ze worden bijgevuld met leidingwater. Dat laatste werd echter bewust vermeden omwille van de ecologische voetafdruk. Maar net dat principe zorgde er volgens de stad voor dat de beleving van de fonteinen te vaak verdween.
“Het is altijd een afweging geweest tussen beleving en duurzaamheid,” zegt schepen Iwein De Coninck. Volgens hem wil de stad vermijden dat fonteinen net op het moment dat ze visueel en recreatief belangrijk zijn, niet functioneren.
De schepen verwijst daarbij naar de problematiek op warme dagen: “Op het moment dat mensen nood hebben aan de beleving van een fontein, zeggen ze dan dat ze niet werken.”
Keuze voor leidingwater, maar met voorwaarden
Het stadsbestuur kiest er nu voor om de fonteinen opnieuw structureel op leidingwater aan te sluiten. Daarmee moeten ze betrouwbaarder functioneren en niet meer langdurig droogvallen.
Toch blijft de stad haar duurzaamheidsprincipes hanteren. Tijdens periodes van langdurige droogte, wanneer ook burgers worden opgeroepen om water te besparen, zullen de fonteinen wel degelijk worden stilgelegd. “Dan gaan we ze ook buiten werking stellen, zoals iedereen van ons op dat moment zal moeten doen,” aldus De Coninck. De stad wil zo vermijden dat openbare waterpartijen in contrast staan met mogelijke oproepen tot waterbesparing.
De beslissing werd mee gedragen binnen het bestuur van CD&V, dat mee zoekt naar een evenwicht tussen klimaatbewust beleid en publieke ruimtebeleving.
Technisch probleem: verdamping en ontwerp
Naast de beperkte capaciteit van de reservoirs speelt ook het ontwerp van sommige pleinen een rol in het waterverlies. De fontein op de Hopmarkt wordt daarbij vaak als voorbeeld aangehaald. Het water dat omhoog wordt gespoten, komt terecht op het betonnen plein en moet vervolgens drie tot vijf meter afvloeien voor het opnieuw het reservoir bereikt.
Tijdens dat traject gaat een deel van het water verloren door verdamping. Dat maakt het systeem minder efficiënt dan oorspronkelijk voorzien.
Structurele oplossing op lange termijn
De stad kijkt intussen vooruit naar structurele ingrepen. De bedoeling is om bij toekomstige heraanleg van pleinen grotere bufferbekkens te voorzien, zodat fonteinen opnieuw langer op regenwater kunnen draaien.
Een goed voorbeeld daarvan is het Vredeplein. Bij de herinrichting van dat plein werd het ondergrondse reservoir uitgebreid van 3 naar 60 kubieke meter. Daardoor kan de fontein er veel langer functioneren zonder tussenkomst van leidingwater.
De stad wil dit principe in de toekomst op meerdere locaties toepassen, telkens wanneer pleinen worden heraangelegd of heringericht.
Veiligheid en waterkwaliteit
Vooraleer de fonteinen opnieuw worden opgestart, voert de stad een grondige controle uit op alle installaties. Dat is niet alleen nodig om technische problemen te vermijden, maar ook om de veiligheid van het water te garanderen.
Wanneer water te lang stilstaat en opwarmt, kan er immers een risico ontstaan op de ontwikkeling van legionellabacteriën. Daarom worden alle systemen eerst gereinigd en gecontroleerd voor ze opnieuw in gebruik gaan.
Onzekerheid over kosten
De meeste fonteinen zijn intussen nagekeken en technisch klaar om opnieuw te draaien. De stad wacht nu op het geschikte moment om ze gelijktijdig opnieuw in werking te zetten.
Wat de financiële impact van de beslissing precies zal zijn, kan het stadsbestuur voorlopig nog niet inschatten. Dat hangt onder meer af van het waterverbruik, de prijs van leidingwater en de weersomstandigheden in de komende maanden.
Met de heractivering van de fonteinen wil de stad vooral opnieuw inzetten op levendige pleinen, waar water, ruimte en beleving opnieuw zichtbaar aanwezig zijn in het straatbeeld.

