De stad Aalst keurt een nieuw vergunningenbeleid goed voor kapperszaken, nachtwinkels en minimarkten. Met de nieuwe regels wil het stadsbestuur malafide handelszaken aanpakken die mogelijk witwaspraktijken of de verkoop van verboden producten verbergen achter een legale activiteit. Daarnaast komt er een meldingsplicht voor alle commerciële activiteiten in publiek toegankelijke inrichtingen.
Met de nieuwe reglementen wil de stad handelaars met slechte bedoelingen weren en eerlijke ondernemers beschermen. Dat zegt burgemeester Christoph D’Haese (N-VA). “We willen de correcte handelaar beschermen”, benadrukt hij.
Volgens de burgemeester zijn er aanwijzingen dat bepaalde handelszaken op papier een gewone commerciële activiteit uitoefenen, terwijl de werkelijke activiteiten vragen oproepen. Hij verwijst onder meer naar straten met talrijke barbierszaken waar nauwelijks klanten over de vloer komen, maar die volgens fiscale gegevens toch grote omzetten realiseren.
“De economische perceptie is niet de economische realiteit”, stelt D’Haese. Hij geeft ook het voorbeeld van ondernemers die zich met een bepaalde activiteitencode registreren, maar in de praktijk een heel andere zaak uitbaten. “Zo is er een kapper die twee weken later een viswinkel uitbaat en dat is verdacht”, aldus de burgemeester.
Meldingsplicht voor ongeveer 5.000 handelszaken
Het nieuwe beleid bestaat uit twee onderdelen: een algemene meldingsplicht en een uitbatingsvergunning voor specifieke sectoren.
De meldingsplicht zal op termijn gelden voor alle commerciële activiteiten in publiek toegankelijke inrichtingen, ongeacht de omvang van de zaak. Het gaat volgens de burgemeester om ongeveer 5.000 handelszaken op het grondgebied van Aalst. “Met de meldingsplicht moeten we weten wie onderneemt op ons grondgebied”, zegt D’Haese. Op die manier wil de stad een beter zicht krijgen op de commerciële activiteiten die er plaatsvinden.
De invoering gebeurt in twee fases. De uitbatingsvergunning gaat in op 1 februari 2027. De meldingsplicht start op 1 mei 2027. Die spreiding moet de stadsdiensten voldoende tijd geven om hun samenwerking te coördineren en ondernemers te begeleiden bij de nieuwe verplichtingen.
Naast de meldingsplicht wordt een uitbatingsvergunning ingevoerd voor drie sectoren: kapperszaken, nachtwinkels en minimarkten. De betrokken ondernemers zullen aan bepaalde voorwaarden moeten voldoen.
Ook bestaande en bonafide kapperszaken vallen onder de nieuwe regeling. Volgens de burgemeester hoeft dat voor gevestigde zaken geen probleem te vormen. “Een kapper die al jaren een salon heeft, zal geen probleem zijn”, klinkt het.
Nieuwe nachtwinkels alleen onder strikte voorwaarden
Voor nachtwinkels komen er specifieke beperkingen. Nieuwe zaken zullen zich uitsluitend kunnen vestigen in sterk verstedelijkte gebieden en moeten minstens 600 meter verwijderd zijn van een bestaande nachtwinkel.
In de deelgemeenten komen er geen nieuwe nachtwinkels bij. Bestaande zaken mogen wel openblijven, op voorwaarde dat ze economisch regulier actief blijven.
De stad wil daarnaast dat alle nachtwinkels over een camerasysteem beschikken. De meeste zaken hebben volgens het stadsbestuur al camerabewaking. Wanneer zich een misdrijf voordoet, wil de stad de beschikbare camerabeelden kunnen gebruiken.
Met het nieuwe vergunningenbeleid wil Aalst meer controle krijgen op de commerciële activiteiten op haar grondgebied. Het stadsbestuur stelt daarbij de bescherming van eerlijke handelaars en de aanpak van mogelijke misbruiken centraal.

