Wat als je amper twintig jaar bent, tegen de raad van bijna iedereen in je eigen café opent en enkele jaren later plots de titel van Beste Cafébaas van Vlaanderen achter je naam mag zetten? Voor Lars Uyttersprot, de jonge uitbater van Café Ganzenhof in Welle, is het geen droom meer, maar werkelijkheid. Wat begon als een gewaagde sprong in het onbekende, groeide uit tot een verhaal van hard werken, doorzettingsvermogen en vooral veel menselijke warmte. Zijn klanten stemden hem naar de overwinning in de wedstrijd van HLN en Kroegtijgers. Zelf kan hij het nog altijd nauwelijks geloven. Maar wie met Lars praat, ontdekt al snel dat achter die mooie titel een veel groter verhaal schuilt: dat van een jonge cafébaas die niet alleen pinten tapt, maar ook mensen samenbrengt, luistert wanneer het nodig is en van zijn café een plek wil maken waar iedereen zich thuis voelt.
Van de hotelschool naar een eigen café
Wie Lars Uyttersprot vandaag achter de toog van Café Ganzenhof ziet staan, zou misschien denken dat hij altijd al wist dat hij ooit cafébaas zou worden. Toch begon zijn verhaal ergens anders. Lars volgde zes jaar opleiding aan de hotelschool Spermalie in Brugge en deed daarna ervaring op in de horeca. Hij werkte onder meer in restaurant Seasons en Bistro De Boeie, maar ook bij Het Witte Paard en het Collysee in Blankenberge. Zijn werkdagen waren lang, zijn nachten vaak nog langer en het horecaleven was hem allerminst vreemd. “Ik deed de uren eigenlijk al, maar ik werkte gewoon voor andere mensen. Op een bepaald moment dacht ik: waarom zou ik het niet voor mezelf doen?”, vertelt hij.
Het was een gedachte die steeds concreter werd. Lars had de nodige ervaring opgedaan, wist wat hard werken betekende en had geleerd dat de horeca veel meer inhoudt dan alleen eten en drinken serveren. Het contact met mensen, de sfeer en het creëren van een beleving spraken hem aan. Uiteindelijk besloot hij de sprong te wagen en als zelfstandige aan de slag te gaan. De kans diende zich aan op een moment waarop hij er klaar voor was. Of beter gezegd: waarop hij besloot ervoor te gaan, ook al was niet iedereen overtuigd.

Een achttienjarige die zijn eigen weg koos
Toen Lars vernam dat Café Ganzenhof in de Regentiestraat 21 in Welle over te nemen stond, twijfelde hij niet lang. Hij woonde zelf in Denderhoutem, kende de omgeving en was het café niet onbekend. Het gebouw, het terras en de uitstraling spraken hem meteen aan. “De dag nadat ik had gezien dat het Ganzenhof over te nemen stond, stond ik hier al”, lacht hij. “Ik heb een afspraak gemaakt met de vorige eigenaars en gelukkig zijn die met mij in zee gegaan.”
Dat was op zijn zachtst gezegd een bijzondere beslissing. Lars was pas achttien jaar en stond nog maar aan het begin van zijn volwassen leven. Een eigen zaak uitbaten is voor velen al een uitdaging wanneer ze ouder en meer ervaren zijn. Op die leeftijd een café overnemen, met alle verantwoordelijkheden die daarbij komen kijken, vroeg dan ook om behoorlijk wat lef. Zijn omgeving reageerde aanvankelijk niet bepaald enthousiast. “Iedereen rondom mij heeft het mij afgeraden. Zelfs mijn ouders vroegen wat ik in hemelsnaam ging doen. Ze vonden dat ik zot was”, vertelt hij openhartig.
Toch hield Lars vast aan zijn plan. Hij wilde het proberen, geloofde in de kans die voor hem lag en was bereid om ervoor te werken. Vandaag, ongeveer drie jaar later, mag hij vaststellen dat zijn beslissing hem geen windeieren heeft gelegd. “Ik heb toch mijn goesting gekregen en ik denk dat ik ondertussen wel een beetje bewezen heb dat het lukt”, zegt hij met een glimlach.
Die glimlach vertelt veel. Er spreekt trots uit, maar ook de nuchterheid van iemand die beseft dat een zaak niet vanzelf draait. Lars benadrukt dan ook meteen dat hij het niet alleen had gekund. Zijn familie, zijn ouders, zijn personeel en de mensen rondom hem spelen een onmisbare rol. “Alleen is zoiets onmogelijk. Ik heb mijn team, mijn personeel en natuurlijk mijn familie die mij altijd steunt. Daar ben ik enorm dankbaar voor.” Het is een terugkerend thema in het verhaal van de jonge cafébaas: hij staat achter de toog, maar achter hem staat een hele ploeg.
Het Ganzenhof moest vooral het Ganzenhof blijven
Wie een bestaande horecazaak overneemt, staat voor een moeilijke evenwichtsoefening. Je wilt je eigen stempel drukken, maar tegelijk moet je respect hebben voor wat er voordien werd opgebouwd. Voor Lars was dat niet anders. Hij wilde het café niet van de ene dag op de andere volledig veranderen. Integendeel, hij probeerde aanvankelijk zo veel mogelijk te werken op de manier waarop zijn voorgangers Luc en Leen dat deden. “Zij hebben mij in het begin nog maanden geholpen. Ze hebben mij getoond hoe alles werkte en hoe zij het aanpakten. Daar ben ik hen heel dankbaar voor”, vertelt hij.
Die begeleiding gaf hem de kans om de zaak grondig te leren kennen. Pas daarna begon hij stap voor stap eigen accenten te leggen. Het aanbod aan bieren en andere dranken werd uitgebreid en ook op de kaart kwam meer ruimte voor hapjes. Vooral kleine gerechtjes om te delen, kregen een belangrijke plaats. Lars had aanvankelijk overwogen om meer richting een restaurantformule te gaan, maar merkte dat dit niet helemaal bij de mogelijkheden van het gebouw paste. In de winter is de binnenruimte eerder beperkt, terwijl het terras tijdens de warmere maanden een grote troef vormt.
Daarom koos hij voor een aanpak die beter bij het karakter van het Ganzenhof aansluit: een café waar je terechtkunt voor een drankje, maar waar je evengoed iets kleins kunt eten en gezellig met vrienden kunt tafelen. “Dat is mijn visie. Ik probeer er mijn eigen zaak van te maken, maar zonder te vergeten wat het Ganzenhof altijd geweest is.” Het resultaat is een café dat met zijn tijd meegaat, zonder zijn vertrouwde karakter te verliezen. En precies daarin ligt volgens Lars een deel van de aantrekkingskracht.

Een café waar jong en oud elkaar vinden
Bij een café denk je misschien in de eerste plaats aan een toog, een tapinstallatie, een kaart met drankjes en tafels waaraan mensen samenkomen. Maar voor Lars gaat het Ganzenhof over veel meer dan dat. Toen hij de zaak overnam, kenden heel wat vaste klanten hem nog niet. Het was voor beide kanten even afwachten. De bezoekers vroegen zich af wat er met hun vertrouwde café zou gebeuren, terwijl Lars zelf zijn plaats moest vinden tussen de mensen die er al jarenlang over de vloer kwamen.
Intussen lijkt die kennismaking bijzonder goed gelukt. “Volgens mij is iedereen ondertussen wel tevreden dat ik het heb overgenomen. Mensen zien dat iedereen hier welkom is. Dat is eigenlijk de sterkte van het Ganzenhof: zowel jong als oud kan hier terecht.”
Het is een eenvoudige gedachte, maar ze vormt de basis van de manier waarop Lars zijn zaak runt. Hij wil geen café waar bepaalde mensen het gevoel krijgen dat ze er niet thuishoren. Wie binnenstapt, moet zich welkom voelen, ongeacht zijn leeftijd, achtergrond of de reden van zijn bezoek.
Dat merkt hij ook tijdens evenementen die hij organiseert. De ene keer komen vertrouwde gezichten over de vloer, de andere keer ontdekken nieuwe bezoekers het café. Vaak staan generaties naast elkaar die elkaar buiten het Ganzenhof misschien nooit zouden ontmoeten. “Als ik iets organiseer, zie je hier zowel oudere klanten als jonge mensen. Die kunnen samen feesten, met elkaar praten en plezier maken. Dat vind ik heel mooi om te zien.”
In een tijd waarin mensen steeds vaker achter hun scherm zitten en sociale contacten soms tot berichten op een smartphone beperkt blijven, heeft zo’n plek een bijzondere betekenis. In een café ontstaan gesprekken die je niet kunt plannen. Mensen leren elkaar kennen, vertellen verhalen en bouwen vriendschappen op. Lars beseft dat. En hij wil dat het Ganzenhof die rol blijft vervullen.
De deuren blijven open, ook tot in de vroege uurtjes
Eén van de opvallendste veranderingen sinds Lars het café overnam, zijn de openingsuren. Waar het vroeger anders verliep, is het Ganzenhof tegenwoordig op heel wat momenten van de dag en tot diep in de nacht een ontmoetingsplek. Dat vraagt natuurlijk de nodige inzet. In de horeca is een lange werkdag geen uitzondering, maar wanneer je zelf de verantwoordelijkheid voor een café draagt, is het moeilijk om zomaar de deur achter je dicht te trekken en alles los te laten.
Toch heeft Lars een duidelijke reden om die ruime openingsuren aan te houden: er is vraag naar. “Het volk is er, de mensen zijn er. In de buurt is er niet veel dat zo laat openblijft. Zelfs op een woensdagavond komen hier mensen uit Aalst. Als ik vraag waarom ze helemaal naar Welle zijn afgezakt, zeggen ze dat er in Aalst niets meer open is.”
Het zijn precies die verhalen die hem bevestigen dat hij met zijn aanpak een behoefte invult. Mensen zoeken niet alleen een plek om iets te drinken, maar ook een omgeving waar ze na hun werk, tijdens het weekend of op een onverwacht moment nog samen kunnen zitten. Daarbij speelt mond-tot-mondreclame een belangrijke rol. Tevreden klanten vertellen anderen over het café, brengen vrienden mee en keren zelf terug. Zo groeit een zaak niet alleen door wat er op de kaart staat, maar vooral door de ervaringen die mensen er opdoen. “Hier is iedereen welkom en mensen voelen zich hier onmiddellijk thuis. Dat doet veel.”
Voor Lars is het wellicht één van de mooiste complimenten die een cafébaas kan krijgen: dat mensen niet alleen naar zijn zaak komen, maar er ook graag blijven.

Een telefoontje dat hij eerst niet geloofde
De voorbije maanden kreeg dat verhaal van hard werken en gastvrijheid een onverwacht vervolg. HLN en Kroegtijgers gingen op zoek naar de Beste Cafébaas van Vlaanderen. Klanten konden hun favoriete cafébaas of -bazin nomineren. De persoon met de meeste nominaties mocht zich verheugen op de titel én een tournée générale voor de klanten, aangeboden door de organisatie.
Ook Lars schreef zich in. “Op een dag zat er een poster in de bus, samen met een brief waarin de wedstrijd werd uitgelegd. Ik heb mij meteen ingeschreven en er daarna ook reclame voor gemaakt. Vervolgens hebben de mensen op mij gestemd.” De stemperiode liep tot en met 21 september 2026. Daarna werden de stemmen geteld en bleek dat de jonge uitbater van het Ganzenhof de meeste nominaties achter zijn naam had gekregen.
Het telefoontje waarmee hij het nieuws vernam, kwam dan ook als een complete verrassing. “Een paar weken geleden kreeg ik telefoon dat ik gewonnen had. Ik geloofde dat eerst niet. Ik dacht dat er misschien iets fout was gelopen. Ik vroeg zelfs of ze zich niet vergist hadden. Er zijn zoveel cafés in Vlaanderen!”
Dat een cafébaas van amper twintig jaar het in zo’n wedstrijd haalt van talloze andere horecazaken, vond hij moeilijk te bevatten. Hij had zich ingeschreven, had zijn klanten opgeroepen om te stemmen en hoopte ongetwijfeld op een mooi resultaat. Maar de overwinning? Die had hij niet zien aankomen. “Ik kan het eigenlijk nog altijd niet helemaal geloven. Ik ben een jonge gast van twintig die dit wint van zoveel andere cafés. Dat is toch fantastisch?”
Achter die spontane reactie schuilt meer dan verbazing. De titel is voor Lars vooral een bewijs dat zijn inspanningen worden opgemerkt. De lange dagen, de late nachten, het zoeken naar de juiste aanpak en het proberen om iedereen een plaats te geven in zijn café: het blijft niet onopgemerkt bij de mensen voor wie hij het allemaal doet.
Een titel die hij aan zijn klanten opdraagt
Wie een wedstrijd wint, kan natuurlijk trots zijn op de eigen prestatie. Toch legt Lars de nadruk niet op zichzelf, maar op de mensen die hem naar de overwinning hebben gestemd. “Voor mij is het vooral een blijk van dankbaarheid van mijn klanten. Het is een appreciatie en dat voelt goed. Het motiveert mij ook om verder te doen zoals we bezig zijn.”
Dat maakt deze overwinning bijzonder. Het is niet zomaar een jury die een zaak beoordeelt of een juryrapport dat de doorslag geeft. De titel kwam tot stand dankzij mensen die de moeite namen om hun waardering te laten blijken. Mensen die er regelmatig over de vloer komen. Die een praatje slaan aan de toog, er met vrienden afspreken, een feestje bouwen of misschien gewoon even binnenlopen om de dag af te sluiten. Hun nominaties vertellen iets over de band die ze met het Ganzenhof hebben opgebouwd. En voor Lars is dat wellicht waardevoller dan welke trofee ook.
Want een café kan mooi ingericht zijn, een uitgebreide drankenkaart hebben en op een aantrekkelijke locatie liggen. Maar zonder klanten die terugkomen, zonder mensen die zich verbonden voelen met de zaak en zonder een uitbater die hen graag ontvangt, blijft het uiteindelijk gewoon een gebouw.
Bij het Ganzenhof lijkt die verbondenheid er wel degelijk te zijn. De overwinning maakt die zichtbaar, maar ze is tegelijk een aanmoediging om op dezelfde weg verder te gaan. “Het Ganzenhof blijft het Ganzenhof”, benadrukt Lars. “Er zal niet zoveel veranderen. Hopelijk brengt de titel wel nieuwe mensen naar hier. Iedereen is welkom.”

Een groot feest als dankjewel
Een overwinning als deze laat je natuurlijk niet zomaar voorbijgaan. Lars wil zijn klanten dan ook uitdrukkelijk bedanken en plant daarvoor een groot feest op zaterdag 19 december 2026, in samenwerking met de gemeente Denderleeuw. Het belooft een bijzondere dag te worden. In de omgeving van het Ganzenhof zullen straten worden afgesloten en er komt een grote verwarmde tent met een podium. Doorheen de dag staan verschillende optredens op het programma, met groepen en dj’s die voor de muzikale omlijsting zorgen. Het feest begint in de namiddag en loopt door tot in de nacht.
Voor Lars wordt het een evenement met een bijzondere betekenis. Hij wil niet alleen vieren dat hij tot Beste Cafébaas van Vlaanderen werd uitgeroepen, maar vooral de mensen bedanken die dat mogelijk hebben gemaakt. “Het wordt waarschijnlijk een van de grootste evenementen die ik ooit zal organiseren. Ik wil iedereen uitnodigen om erbij te zijn.”
Het feest is daarmee meer dan een viering van een persoonlijke onderscheiding. Het is een manier om de band met zijn klanten te vieren en iedereen die het Ganzenhof mee vormgeeft, samen te brengen. Wie de voorbije jaren mee aan de toog stond, er vriendschappen opbouwde of gewoon graag een pint komt drinken, is welkom om mee te vieren. En misschien komen er op die dag ook heel wat nieuwe gezichten over de vloer, nieuwsgierig naar het café en de jonge man die Vlaanderen wist te overtuigen.
Achter de toog staat ook een mens
Een cafébaas is vaak iemand bij wie mensen hun verhalen kwijt kunnen. Dat hoort bijna vanzelfsprekend bij het beroep, maar het is niet altijd eenvoudig om die rol op te nemen. Wie achter de toog staat, krijgt immers veel meer te horen dan bestellingen voor een pint, een koffie of een ander drankje. Lars is zich daar bijzonder goed van bewust. “Wat de mensen mij allemaal niet vertellen”, zegt hij. “Je weet hier eigenlijk heel veel.”
Hij vertelt het met een glimlach, maar zijn woorden hebben een diepere betekenis. Mensen komen naar een café om te ontspannen, om samen te zijn of om even weg te zijn van de dagelijkse beslommeringen. Soms gaat het om luchtige gesprekken en veel gelach. Op andere momenten zoeken mensen gewoon iemand die naar hen wil luisteren.
Voor Lars hoort dat bij de rol van een cafébaas. Hij wil openstaan voor iedereen en ervoor zorgen dat bezoekers zich veilig genoeg voelen om zichzelf te zijn. Daarbij hanteert hij een eenvoudige regel: wat mensen hem in vertrouwen vertellen, blijft binnen de muren van het Ganzenhof. “Je moet kunnen horen, zien en zwijgen. Daar mogen de mensen gerust van zijn.”
Het klinkt bijna als een levenswijsheid die van generatie op generatie wordt doorgegeven. Toch vat ze mooi samen wat Lars belangrijk vindt. Een café moet niet alleen een plek zijn waar mensen samenkomen, maar ook een omgeving waar vertrouwen kan groeien.
Dat vertrouwen laat zich niet meten in omzetcijfers of het aantal verkochte drankjes. Het ontstaat door aanwezig te zijn, door aandacht te hebben voor wie voor je staat en door mensen het gevoel te geven dat ze ertoe doen. Misschien is dat wel een van de redenen waarom de klanten zo massaal hun waardering lieten blijken.

Dankbaar voor zijn ouders, familie, personeel én vriendin
Hoewel Lars met zijn twintig jaar de titel van Beste Cafébaas van Vlaanderen mag dragen, weet hij dat het succes van het Ganzenhof niet uitsluitend op zijn schouders rust. Hij denkt nadrukkelijk aan zijn ouders en familie, die hem steunden toen hij als achttienjarige zijn plannen ontvouwde. Ook zijn personeel verdient volgens hem een uitdrukkelijk woord van dank. Zonder de mensen die mee de handen uit de mouwen steken, zou het onmogelijk zijn om de zaak draaiende te houden.
En dan is er nog zijn vriendin, die zelf als apothekeres werkt en dus een heel andere professionele wereld kent. Lars beseft dat zijn werk ook invloed heeft op zijn privéleven. De horeca kent weinig klassieke kantooruren. Wanneer anderen vrij zijn, moet een cafébaas vaak aan het werk. Avonden en weekends zijn net de momenten waarop het in het Ganzenhof druk kan worden. “Ik ben mijn vriendin ook heel dankbaar. Je moet het maar kunnen om met iemand samen te leven die zo weinig tijd heeft. Soms zie ik haar maar één dag per week.”
Zijn vriendin helpt niet mee in het café, en dat begrijpt hij. Hij verwacht dat ook niet van haar. Hij weet dat zijn werk een groot deel van zijn leven inneemt en dat een gezonde relatie vraagt dat beide partners hun eigen leven en verantwoordelijkheden kunnen behouden. Die woorden tonen een andere kant van de jonge uitbater. Achter de glimlach en de enthousiaste cafébaas zit iemand die beseft dat zijn keuze ook offers vraagt van de mensen die dicht bij hem staan.
Succes in de horeca wordt vaak afgemeten aan volle terrassen, drukke avonden en goed draaiende evenementen. Maar er is ook de keerzijde: de lange dagen, de gemiste momenten en de noodzaak om voortdurend klaar te staan voor anderen. Dat Lars daar open over spreekt, maakt zijn verhaal des te menselijker.
Een jonge cafébaas met een duidelijke visie
Wat brengt de toekomst voor Lars Uyttersprot en Café Ganzenhof? Wie verwacht dat de overwinning meteen voor een complete koerswijziging zal zorgen, komt wellicht bedrogen uit. Lars wil vooral verder bouwen aan wat er vandaag staat. Hij wil de vertrouwde klanten blijven ontvangen, nieuwe bezoekers verwelkomen en het café verder laten groeien zonder het eigen karakter te verliezen.
De titel kan daarbij helpen. De bekendheid zal wellicht toenemen en mogelijk ontdekken mensen uit andere gemeenten het Ganzenhof dankzij het nieuws. Maar de jonge cafébaas wil vooral trouw blijven aan zijn eigen manier van werken. Geen grootse beloften over een complete vernieuwing of een spectaculaire ommezwaai, wel de ambitie om elke dag opnieuw een plek te creëren waar mensen graag komen.
Daarin schuilt misschien ook zijn grootste troef. Lars is jong, heeft nog heel wat jaren voor zich en kan verder groeien in het vak. Tegelijk heeft hij al vroeg geleerd dat een horecazaak uitbaten niet alleen draait om ondernemen, maar ook om luisteren, samenwerken en volhouden wanneer het moeilijk wordt. Dat hij op amper twintigjarige leeftijd al deze erkenning krijgt, is dan ook een mooie opsteker. Maar het verhaal is nog lang niet geschreven.
Besluit: meer dan een cafébaas, een man die mensen samenbrengt
Wanneer Lars Uyttersprot terugblikt op zijn parcours, komt hij telkens weer bij dezelfde gedachte uit. Hij is trots op wat hij heeft opgebouwd, maar hij beseft dat het Ganzenhof nooit alleen zijn verhaal is geweest.
Zijn ouders en familie stonden achter hem toen anderen twijfelden. Zijn personeel helpt de zaak elke dag vooruit. Zijn vriendin moet mee leven met de onregelmatige uren van zijn beroep. En bovenal zijn er de klanten, die van het Ganzenhof een plek maken waar mensen elkaar ontmoeten, verhalen delen en samen herinneringen opbouwen.“Moest er geen café meer bestaan, dan zouden mensen niet zomaar meer samenkomen. Ze zouden minder gemakkelijk nieuwe mensen leren kennen. Dan valt er een sociaal gebeuren weg”, zegt hij.
Het is misschien wel de belangrijkste uitspraak uit het gesprek. Want achter de titel van Beste Cafébaas van Vlaanderen schuilt geen verhaal over grootse ambities of persoonlijke roem. Het gaat over een jonge man die op zijn achttiende een sprong waagde, ondanks de twijfels van zijn omgeving, en die vandaag vooral dankbaar is voor het vertrouwen dat hij krijgt.
Lars Uyttersprot mag voortaan met trots de titel aan de muur van het Ganzenhof hangen. Maar de echte erkenning zit wellicht niet in dat bordje. Ze zit in de klanten die blijven terugkomen, in de mensen die er nieuwe vrienden maken, in de gesprekken die soms langer duren dan gepland en in de warmte die ontstaat wanneer iedereen zich welkom voelt.
Op zaterdag 19 december wil hij die verbondenheid vieren met een groot feest in Welle. Het wordt zijn manier om iets terug te geven aan iedereen die hem deze bijzondere titel heeft bezorgd. En misschien is dat precies wat een goede cafébaas onderscheidt: niet hoeveel mensen hij over de vloer krijgt, maar hoeveel mensen zich thuis voelen wanneer ze weer naar buiten stappen.
Voor Lars Uyttersprot is het Ganzenhof dan ook veel meer dan een zaak. Het is een plek waar jong en oud elkaar vinden, waar gelachen en geluisterd wordt en waar iedereen, zoals hij het zelf graag ziet, welkom is.
Twintig jaar jong, drie jaar achter de toog en nu al de beste cafébaas van Vlaanderen. Maar vraag Lars wat hem het meest trots maakt, en hij zal niet alleen naar zijn titel wijzen. Hij zal vooral denken aan zijn klanten. Want zonder hen, zo weet hij zelf maar al te goed, was dit verhaal nooit zo mooi geworden.
https://www.facebook.com/tganzenhof


