CD&V Lede maakt in een nieuwe stand van zaken de balans op van verschillende dossiers die de komende jaren mee het uitzicht en de leefbaarheid van de gemeente moeten bepalen. Onder de noemer ‘Bouwen aan het Lede van morgen’ legt de partij de nadruk op mobiliteit, riolering, wegenis en lokaal erfgoed. Een aantal projecten is intussen zichtbaar op het terrein, terwijl andere dossiers nog volop in voorbereiding zijn.
De plannen sluiten aan bij de beleidsdoelstellingen die Lede voor de periode 2026-2031 heeft vastgelegd. In het officiële meerjarenplan schuift het lokaal bestuur onder meer veilige en duurzame mobiliteit, kwaliteitsvolle openbare ruimte, veilige fiets- en voetpaden en een betere rioleringsgraad naar voren. Ook een mobiliteitsstudie en centrumvisie behoren tot de geplande acties voor de komende bestuursperiode.
Volgens CD&V Lede is het belangrijk om niet alleen te kijken naar zichtbare werkzaamheden, maar ook naar de voorbereidende stappen die eraan voorafgaan. “Van plannen op papier naar vooruitgang in onze straten”, luidt de boodschap waarmee de partij de verschillende dossiers toelicht.
Mobiliteitsvisie moet richting geven aan centrum
Een van de dossiers die de komende periode bepalend kan worden voor het centrum van Lede is de opmaak van een nieuwe mobiliteitsvisie.
Volgens CD&V werd, na input van de verkeerscommissie en in samenwerking met SOLVA als procesbegeleider, op 18 augustus 2026 de opdracht gegeven om de mobiliteitsvisie verder uit te werken. Het doel is om uiteindelijk te komen tot een onderbouwde visie voor het centrum, waarbij zowel verkeersstromen als het gedrag van verschillende weggebruikers worden meegenomen.
De mobiliteitsvisie past binnen de bredere doelstelling van het gemeentelijke meerjarenplan om de openbare ruimte veiliger en leefbaarder te maken. Daarbij wordt expliciet verwezen naar het STOP-principe, veilige fiets- en voetgangersinfrastructuur, openbaar vervoer, deelmobiliteit en trage wegen.
De centrumvisie moet uiteindelijk helpen bepalen hoe Lede de beschikbare ruimte in het centrum in de toekomst organiseert. Dat betekent onder meer keuzes maken over de plaats van automobilisten, fietsers en voetgangers, maar ook over verkeersveiligheid en de inrichting van de publieke ruimte.
Grote investering in riolering en wegen
Een aanzienlijk deel van de gemeentelijke infrastructuuragenda bestaat uit riolerings- en wegenisprojecten. Daarbij gaat het niet alleen om het vernieuwen van straten, maar ook om het verbeteren van de waterhuishouding en het verhogen van de zuiveringsgraad.
Dat sluit rechtstreeks aan bij de doelstellingen uit het meerjarenplan. Lede wil meer woningen aansluiten op rioleringssystemen die naar een zuiveringsinstallatie leiden en tegelijk de hoeveelheid regenwater die in de riolering terechtkomt beperken. Dat moet onder meer helpen om wateroverlast tegen te gaan.
Een belangrijk voorbeeld is het collectorproject Smetlede. Daarbij worden onder meer de Molenhoek, Kapelleweg, Blekte, Oud-Smetlede, Briel en Kapellenhoek aangepakt. Het project combineert de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel met de vernieuwing van de wegeninfrastructuur. Ook veilige fietsinfrastructuur maakt deel uit van de plannen.
De werken zijn ondertussen daadwerkelijk gestart. In de Molenhoek begon de uitvoering in januari 2026, terwijl de werken in de Blekte in februari van start gingen. Het project wordt in verschillende fases uitgevoerd en loopt over meerdere jaren.
Het gaat bovendien om een omvangrijke investering. In een eerder gemeentelijk persbericht werd de geraamde kostprijs van het volledige collectorproject op ongeveer 22 miljoen euro geraamd.
Molenhoek, Blekte en Kapelleweg
Voor de bewoners van de betrokken straten zijn de werkzaamheden intussen geen toekomstmuziek meer. In de Molenhoek wordt een gescheiden rioleringsstelsel aangelegd en wordt de infrastructuur opnieuw ingericht. Ook de Kapelleweg en Blekte maken deel uit van het project.
In de Molenhoek worden bovendien fietspaden voorzien. Volgens het gemeentebestuur komt er aan beide zijden van de rijweg een aanliggend, verhoogd fietspad. Een deel van die fietsinfrastructuur wordt gefinancierd via subsidies van het Vlaams Fietsfonds.
De verschillende deelprojecten worden gefaseerd uitgevoerd. De gemeente benadrukt dat de planning afhankelijk blijft van de voortgang van de werken en van de weersomstandigheden.
Ook Hoeksken, Markizaatstraat en Stationsstraat op de agenda
Een tweede belangrijk dossier situeert zich in het centrum, met de Hoeksken, een deel van de Markizaatstraat en de Stationsstraat.
De plannen voor riolering en wegenis worden verder uitgewerkt. Volgens de informatie van CD&V is het wegenisconcept inmiddels goedgekeurd en wordt het inrichtingsplan voor het Hoeksken verder voorbereid. Het rioleringsontwerp zou ter goedkeuring worden voorgelegd aan de Vlaamse Milieumaatschappij.
Voor het project zijn bovendien nog verschillende voorbereidende stappen nodig. Zo moet onder meer een akkoord worden verkregen van NMBS voor een deel van de Stationsstraat. Het dossier staat al langer op de gemeentelijke planning: ook in eerdere meerjarenplannen was de heraanleg van Hoeksken, een deel van de Markizaatstraat en de Stationsstraat als actie opgenomen.
Hoging-Kluize en Oude Heirweg
Ook buiten het centrum wordt verder gewerkt aan rioleringsdossiers.
Voor Hoging-Kluize werd het rioleringsvoorontwerp volgens CD&V goedgekeurd door de Vlaamse Milieumaatschappij. Het ontwerp wordt verder uitgewerkt. Daarnaast werd een studiebureau aangesteld voor het pompstation en de persleiding in de Oude Heirweg.
Het dossier past in de bredere ambitie om de zuiveringsgraad in Lede op te trekken. Rioleringsprojecten in onder meer Hoging-Kluize, de collector Smetlede en het centrum werden eerder al gekoppeld aan de doelstelling om afvalwater naar een zuiveringsinstallatie te leiden.
D’Heerselweg eveneens voorbereid
Ook aan de D’Heerselweg worden stappen gezet. Daar is een studiebureau aangesteld en zijn de ontwerp- en afkoppelingsdossiers opgemaakt.
Dat soort voorbereidende werkzaamheden is minder zichtbaar voor inwoners dan een opengebroken straat, maar vormt wel een noodzakelijke fase vooraleer de effectieve uitvoering kan starten. De gemeente heeft de aanleg van riolering in de D’Heerselweg al langer opgenomen in haar plannen om de zuiveringsgraad te verhogen.
Oordegems erfgoed krijgt plaats op vernieuwd dorpsplein
Naast mobiliteit en infrastructuur besteedt CD&V Lede ook aandacht aan erfgoed. De gemeente ontving een wijzerplaat van het voormalige uurwerk van de kerk van Oordegem als schenking. Het historische element krijgt een plaats op het vernieuwde dorpsplein van Oordegem.
Op die manier moet een stukje lokale geschiedenis opnieuw zichtbaar worden in het straatbeeld. De ingreep is kleinschaliger dan de grote riolerings- en wegenisprojecten, maar past volgens CD&V in de ambitie om bij de vernieuwing van de publieke ruimte ook aandacht te hebben voor het verleden van de gemeente.
De heraanleg van Oordegemdorp en de Speurtstraat staat eveneens op de gemeentelijke agenda. Daar zijn zowel de riolering als de verharding van de rijweg en voetpaden aan vernieuwing toe.
Een gemeente in volle verandering
De verschillende dossiers tonen dat de plannen voor Lede de komende jaren sterk zullen draaien rond infrastructuur, mobiliteit en openbare ruimte. Sommige projecten zijn al volop zichtbaar, terwijl andere zich nog in de studiefase bevinden.
Dat onderscheid is belangrijk. Bij grote infrastructuurprojecten kan er immers een aanzienlijke periode zitten tussen de eerste studie, de goedkeuring van ontwerpen en vergunningen, en de uiteindelijke uitvoering op het terrein.
Het gemeentelijke meerjarenplan 2026-2031 omschrijft veilige, duurzame en leefbare mobiliteit als een van de zeven beleidsdoelstellingen. Daaronder vallen onder meer investeringen in wegen, voet- en fietspaden en gescheiden rioleringen, maar ook de verdere uitwerking van een mobiliteitsstudie en centrumvisie.
CD&V Lede zegt de verschillende dossiers verder te willen opvolgen en de inwoners op de hoogte te houden van de verdere ontwikkelingen. Daarmee wil de partij vooral benadrukken dat de verandering in Lede zich niet alleen afspeelt op plaatsen waar vandaag machines en werfhekkens staan. Een deel van het werk gebeurt achter de schermen, via studies, ontwerpen, overleg en goedkeuringsprocedures.
De komende jaren moet duidelijk worden hoe die voorbereidende plannen zich vertalen in concrete ingrepen op het terrein — van vernieuwde straten en rioleringen tot een nieuwe kijk op mobiliteit in het centrum en een aangepaste inrichting van dorpskernen.

