In woonzorgcentrum De Hopperank in Aalst test de stad een nieuwe manier om maaltijden te bereiden en te serveren. Centraal in het proefproject staat een zogenaamde regenereeroven, waarmee vooraf bereide en gekoelde maaltijden vlak voor het eetmoment opnieuw op temperatuur worden gebracht. Volgens de eerste resultaten biedt de nieuwe werkwijze mogelijkheden om zowel de kwaliteit van de maaltijden als de efficiëntie van de werking te verbeteren.
Bij de nieuwe aanpak worden de maaltijden eerst volledig bereid. Daarna worden ze snel teruggekoeld en gekoeld bewaard. Pas vlak voor het eetmoment worden ze in de regenereeroven geplaatst. Daar worden ze gedurende ongeveer een uur geleidelijk opnieuw op temperatuur gebracht.
Die gecontroleerde manier van opwarmen moet ervoor zorgen dat de maaltijden hun smaak, structuur en sappigheid beter behouden. Vooral het gebruik van een combinatie van warme lucht en vocht moet uitdroging tegengaan. “Wij willen onze bewoners elke dag kwaliteitsvolle en smakelijke maaltijden aanbieden. Tegelijk zoeken we naar manieren om onze werking efficiënter te organiseren. Deze nieuwe werkwijze biedt op beide vlakken mogelijkheden”, zegt schepen van Ouderenzorg Caroline De Meerleer (N-VA).
Ook schepen van Facility Maarten Blommaert (N-VA) nam deel aan een smaaktest. Volgens hem biedt de regenereeroven vooral voordelen door de gecontroleerde manier waarop maaltijden opnieuw worden opgewarmd. “Het grote voordeel van een regenereeroven is dat een vooraf bereide maaltijd gecontroleerd en geleidelijk opnieuw op temperatuur wordt gebracht. Door de combinatie van warme lucht en vocht blijft de maaltijd beter op smaak en wordt uitdroging beperkt”, legt Blommaert uit.
Voorbereiding en bediening worden losgekoppeld
Naast de mogelijke kwaliteitswinst moet de nieuwe werkwijze ook organisatorische voordelen opleveren. Omdat de maaltijden vooraf kunnen worden klaargemaakt en gekoeld bewaard, hoeven bereiding en bediening niet langer op hetzelfde moment plaats te vinden.
Zo kunnen de voorbereiding van de maaltijden en het serveren ervan beter van elkaar worden losgekoppeld. De stad wil op die manier de beschikbare infrastructuur en de personeelsinzet efficiënter organiseren.
De testfase in De Hopperank loopt de komende weken verder. De stad wil daarbij niet alleen nagaan hoe de techniek in de praktijk functioneert, maar ook hoe bewoners en medewerkers de nieuwe manier van werken ervaren. “Vanaf 19 oktober willen we volgens deze werkwijze het volledige woonzorgcentrum De Hopperank bedienen. Daarna bekijken we de verdere uitrol naar De Faluintjes, Sint-Job en Mijlbeke”, zegt teamverantwoordelijke Jens Van Gyseghem.
Ook bewoners reageren positief
Volgens Van Gyseghem zijn de eerste reacties van de bewoners alvast bemoedigend. Verschillende bewoners zouden kort na de eerste maaltijden spontaan positieve feedback hebben gegeven over de smaak. “Ik kreeg al meteen feedback van enkele bewoners dat het eten echt lekker is. Dat doet uiteraard veel plezier en geeft ook onze medewerkers extra voldoening”, klinkt het.
De komende weken moet de verdere test duidelijk maken of de regenereeroven de verwachtingen ook op langere termijn kan waarmaken. Als de resultaten positief blijven, wil Stad Aalst de werkwijze stapsgewijs uitbreiden naar de andere woonzorgcentra.
Bron: Gazet Ajoin.

