Thibault Marcelis uit ’s-Gravenbrakel heeft in Iddergem voor een stevige verrassing gezorgd. De tweedejaars nieuweling van Van den Berg – Development Team reed in de slotronde weg uit het peloton en hield stand tot aan de finish. Marcelis kroonde zich zo op overtuigende wijze tot Belgisch kampioen. Finn Notebaert uit Zwalm sprintte naar het zilver, terwijl Miel Heuninck uit Nieuwerkerken beslag legde op de bronzen medaille.
Het derde en laatste Belgische kampioenschap van het wielerweekend in Iddergem was zondag voorbehouden aan de tweedejaars nieuwelingen heren. Nadat eerder al de nieuwelingen meisjes en de eerstejaars nieuwelingen jongens hun nationale titelstrijd hadden afgewerkt, stonden met 119 renners opnieuw een groot aantal jonge wielertalenten aan de start. Zij kregen 80,1 kilometer voorgeschoteld, goed voor negen ronden op het uitdagende parcours in en rond Iddergem.
De verwachtingen waren hooggespannen, want een Belgisch kampioenschap bij de nieuwelingen is traditioneel een wedstrijd waarin het koersverloop moeilijk te voorspellen valt. Iedereen wil de tricolore trui, maar tegelijk weet niemand precies wanneer het juiste moment is aangebroken om zijn kaarten op tafel te leggen. Ook in Iddergem bleef het lange tijd bijzonder spannend.
Eerste speldenprikken zonder succes
Vanaf de openingsfase werd duidelijk dat de renners niet van plan waren om zomaar rustig richting een massasprint te rijden. Verschillende renners probeerden hun kans te gaan, maar de eerste pogingen kregen geen ruimte van het peloton.
Thibault Marcelis was één van de eerste renners die nadrukkelijk aan de boom schudde. De renner uit ’s-Gravenbrakel waagde in zijn eentje zijn kans en liet meteen blijken dat hij niet van plan was om zijn wedstrijd uitsluitend af te wachten. Ook Vincent Heylen, Robin Dooms en Willem Decorte probeerden weg te geraken. Hun aanvalspogingen leverden echter evenmin het gewenste resultaat op. Het peloton hield de situatie onder controle en telkens opnieuw werden de vluchters tot de orde geroepen.
Het was een voorbode van wat later nog zou volgen: een nerveuze wedstrijd waarin de aanvalslust groot was, maar waarin niemand zomaar een vrijgeleide kreeg.
Biesbroeck, Pyl en Comptaert zorgen voor eerste grote vlucht
De eerste serieuze ontsnapping kwam er na halfweg koers. Brent Biesbroeck, Emiel Pyl en Warre Comptaert slaagden erin om zich los te maken van het peloton en kregen wel de nodige ruimte. Voor het eerst ontstond er een vlucht die er echt veelbelovend uitzag. De drie koplopers vonden elkaar en konden hun voorsprong verder uitbouwen. Achter hen bleef het peloton echter waakzaam.
Ward Maillard had intussen het gevaar begrepen. De renner voelde dat de ontsnapping wel eens belangrijk kon worden en besloot niet af te wachten. Maillard ging in de achtervolging en slaagde erin aansluiting te vinden bij de leiders.
De kopgroep kreeg daardoor een nieuwe samenstelling en even leek het erop dat de koers volledig zou kunnen openbreken. De samenwerking was aanwezig en het verschil met het peloton gaf de vluchters uitzicht op een belangrijke rol in de finale.
Toch bleek de ontsnapping geen lang leven beschoren. Twee ronden later was alles opnieuw te herdoen. De koplopers werden ingerekend en het peloton kon zich opnieuw opmaken voor een spannende slotfase.

Peloton maakt zich op voor sprint
Met de vluchtelingen opnieuw in de buik van het peloton leek het BK steeds meer richting een massasprint te evolueren. De grote ploegen hielden de situatie in de gaten, terwijl verschillende snelle mannen hun positie voor de finale probeerden veilig te stellen.
Toch was er van een echte klassieke sprintvoorbereiding geen sprake. Een Belgisch kampioenschap is immers geen gewone wedstrijd. Niemand wil te vroeg te veel energie verspillen, maar tegelijk wil ook niemand het moment missen waarop de beslissende aanval wordt geplaatst. De nervositeit nam dan ook toe naarmate de laatste ronde dichterbij kwam. En net op het moment dat velen zich begonnen op te maken voor een sprint, gebeurde het onverwachte.
Marcelis slaat toe in de slotronde
Thibault Marcelis, die eerder al had geprobeerd om weg te rijden, koos opnieuw voor de aanval. In de laatste ronde muisde de renner uit ’s-Gravenbrakel er opnieuw vanonder. Deze keer was het raak.
Marcelis kreeg een klein gaatje en zag zijn kans schoon om de sprinters voor te blijven. Achter hem probeerden Otto Maes en Bent Schelfhout nog de oversteek te maken. Zij gingen op zoek naar de eenzame leider, maar hun poging werd door het peloton geneutraliseerd. Daarmee lag de weg naar de Belgische titel helemaal open voor Marcelis.
De achtervolgers slaagden er niet meer in om het gat te dichten en de renner uit ’s-Gravenbrakel mocht met een ruime glimlach richting finish rijden. Wat vooraf misschien een gewaagde gok leek, draaide uit op de perfecte tactiek. Thibault Marcelis kwam solo over de meet en mocht zich tot Belgisch kampioen bij de tweedejaars nieuwelingen kronen.
Achter hem werd nog volop gestreden om de overige podiumplaatsen. In de sprint van het peloton toonde Finn Notebaert zich de snelste. De renner uit Zwalm, actief voor R.EV Cycling Academy, pakte zo de zilveren medaille. Miel Heuninck van Onder Ons Parike vervolledigde het podium en mocht het brons mee naar Nieuwerkerken nemen.
Marcelis: “Ik wist dat ik niet de snelste van het pak ben”
Voor Thibault Marcelis was de overwinning het resultaat van een plan dat hij eigenlijk al voor de start in gedachten had. “Ik probeerde meermaals weg te rijden, want ik weet dat ik niet de snelste van het pak ben”, vertelde de nieuwe Belgische kampioen na afloop. “In de slotronde probeerde ik de sprint nog te ontlopen.”
Die tactiek bleek uiteindelijk perfect te werken. Marcelis wist dat wachten op een massasprint hem weinig garanties zou geven en koos daarom resoluut voor de aanval. “Het was me dit seizoen al tweemaal gelukt en nu dus ook op het BK.”
Met zijn derde succesvolle late aanval van het seizoen kon Marcelis meteen de belangrijkste overwinning uit zijn jonge carrière vieren. Na de ceremonie wachtte hem vooral een moment om samen met zijn familie van de historische prestatie te genieten. “Nu ga ik genieten met de familie, want je wordt niet elke dag Belgisch kampioen.”
Een uitspraak die perfect samenvat hoe bijzonder de dag voor Marcelis was. Waar velen zich al hadden voorbereid op een sprint, koos hij voor de aanval en werd hij beloond met de Belgische driekleur.

Notebaert: “Heel jammer dat we voor de tweede plaats sprintten”
Finn Notebaert mocht zich na afloop vice-Belgisch kampioen noemen. De renner uit Zwalm toonde zich de snelste van het peloton, maar kon uiteraard niet helemaal tevreden zijn. De gouden medaille lag immers binnen handbereik. “Heel jammer”, klonk het bij Notebaert.
De renner gaf toe dat hij onderweg bewust niet had gekozen voor een afwachtende houding. “Het is niet mijn stijl om me weg te steken onderweg, hoewel veel mensen me dat hadden aangeraden. In de laatste ronde dacht ik daar wel even aan, maar ik denk dat ik mijn deel van het kopwerk heb gedaan.”
Notebaert erkende dat hij misschien iets te enthousiast was geweest, maar dat zit volgens hem nu eenmaal in zijn karakter. “Misschien ben ik daar wat te onstuimig in, maar het is sterker dan mezelf. Ik voelde me goed, alleen jammer dat we voor de tweede plaats sprintten.”
Even kreeg de renner nog hoop dat het peloton Marcelis zou kunnen terughalen. “Even hoopte ik nog dat we voor de zege zouden sprinten, want we zagen Marcelis rijden. Maar toen viel het stil in het peloton en je kan niet alles dichtrijden, natuurlijk.”
Volgens Notebaert speelden ook de tactische verhoudingen tussen de verschillende ploegen een rol. “De grote ploegen zoals Crabbé en Onder Ons Parike controleerden de koers ook niet echt zoals ze anders wel doen. Ik begrijp het wel, een kampioenschap is een rare wedstrijd.”
Dat het opnieuw een verrassende winnaar werd, verbaasde hem evenmin. “We kregen net zoals vorig jaar een verrassende winnaar, want ik kende Marcelis niet. Nu, ook dat gebeurt wel vaker op een kampioenschap.”
Met zijn zilveren medaille kon Notebaert uiteindelijk toch terugblikken op een sterke wedstrijd. Hij toonde zich in de sprint de snelste van de grote groep, maar zal ongetwijfeld vooral onthouden dat de gouden medaille binnen handbereik lag.
Heuninck beloont sterk ploegwerk met brons
Miel Heuninck van Onder Ons Parike maakte het podium compleet. De renner uit Nieuwerkerken kende een zware wedstrijd, maar bleef tot de finale meestrijden en werd daarvoor beloond met een bronzen medaille. “Het was een heel snelle wedstrijd”, blikte Heuninck terug.
Volgens de renner werd het koersbeeld vooral bepaald door één belangrijke aanval. “Er was één grote aanval met een man of vijf, waaronder iemand van R.EV Cycling Academy. Zij controleerden dan ook.”
Het peloton moest vervolgens zelf initiatief nemen om de vluchters terug te halen. “We moesten het dan met een paar ploegen in handen nemen, maar op een kampioenschap durven de meesten niet te verliezen. Er werd wel overgenomen, maar niemand ging echt voluit.”
Heuninck verwees daarbij ook naar het werk van zijn ploegmaats. Vooral Robin Dooms en Mathiz Tielens speelden een belangrijke rol. “Ik denk dat ik met mijn ploegmaat Robin Dooms en zeker ook Mathiz Tielens mijn deel van het werk heb gedaan, en zo haalden we de kop ook terug bij.”
Die inspanningen hadden echter hun tol geëist. “Bij mij was het op dat moment wel een beetje op en daarom ging ik wat voorzichtiger om met mijn krachten.” Toch wist Heuninck zich opnieuw naar de voorste gelederen te bewegen en kon hij zich uiteindelijk opmaken voor de sprint. “Uiteindelijk zag ik kans om te sprinten en zette ik daarop in.”
Het leverde hem een bronzen medaille op, een resultaat waarmee hij tevreden kon zijn. “Ik rijd een heel constant seizoen, dat bewees ik hier opnieuw. Natuurlijk had ik graag gewonnen, maar die kans is zó klein, en je moet daar ook een topdag voor hebben. Ik ben tevreden over mijn wedstrijd.”

Een verrassende Belgische kampioen
Het BK in Iddergem kreeg zo een onverwachte winnaar. Lange tijd leek de wedstrijd op een massasprint af te stevenen, maar in de slotronde gooide Thibault Marcelis het scenario helemaal overhoop.
De renner uit ’s-Gravenbrakel koos op het beslissende moment voor de aanval, terwijl de rest van het peloton aarzelde. Die twijfel bleek uiteindelijk beslissend. Maes en Schelfhout probeerden nog het gat te dichten, maar kregen geen ruimte om door te zetten en werden opnieuw opgeslokt door de grote groep. Marcelis hield stand en mocht als eenzame winnaar over de finish rijden.
De tweedejaars nieuwelingen kregen zo een Belgisch kampioenschap waarin aanvalslust, twijfel en tactiek uiteindelijk het verschil maakten. Thibault Marcelis speelde zijn troef op het juiste moment uit en werd in Iddergem de verrassende, maar daarom niet minder verdiende Belgische kampioen. Finn Notebaert en Miel Heuninck mochten naast hem plaatsnemen op het podium.
Voor Marcelis wacht nu een bijzonder jaar waarin hij met de Belgische driekleur over de Vlaamse en Belgische wegen mag koersen. Voor de concurrentie is de boodschap alvast duidelijk: wie dacht dat hij in een sprint te kloppen zou zijn, heeft in Iddergem gezien dat Marcelis ook over een bijzonder sterke aanval beschikt.


