De aanwezigheid van een deelwagen die al maanden op een laadplaats in Steenhuize geparkeerd staat, leidde tijdens de Herzeelse gemeenteraad tot vragen over het gebruik van de deelwagens en het fenomeen ‘laadpaalkleven’. Gemeenteraadslid Jo De Loor (Vooruit) stelde vast dat de wagen gedurende de hele zomer nauwelijks van zijn plaats kwam en vreest dat dit, nu het nieuwe schooljaar gestart is, voor extra parkeerdruk zorgt rond de kerk en de dorpsschool.
Met ‘laadpaalkleven’ wordt bedoeld dat elektrische wagens een publieke of semi-publieke laadplaats blijven innemen nadat ze volledig zijn opgeladen. Ook voertuigen die niet langer laden maar toch op een laadparkeerplaats blijven staan, vallen volgens De Loor onder die problematiek. Daardoor kunnen andere elektrische bestuurders de laadpaal niet gebruiken.
Vier vragen over deelwagen in Steenhuize
Volgens Jo De Loor is de situatie in Steenhuize opvallend omdat de deelwagen al gedurende maanden op een laadparkeerplaats staat zonder zichtbaar gebruikt te worden. Tijdens de vakantiemaanden was dat volgens het gemeenteraadslid minder problematisch, maar met de start van het nieuwe schooljaar is de parkeerdruk opnieuw toegenomen.
De parkings rond de kerk worden volgens De Loor intensief gebruikt, onder meer door ouders, personeel en bezoekers van de dorpsschool. Ook de aanwezige laadpalen worden gebruikt door elektrische bestuurders.
De Vooruit-fractie stelde daarom vier concrete vragen aan het gemeentebestuur. De Loor wilde weten hoe vaak de deelwagens in Herzele worden gebruikt en specifiek hoe vaak de deelwagen in Steenhuize wordt gereserveerd. Daarnaast vroeg hij waarom de wagen al maanden onaangeroerd op zijn vaste laadplaats staat.
Ook vroeg hij of het gemeentebestuur maatregelen overweegt om laadpaalkleven tegen te gaan en wat de gemeente doet om het gebruik van de deelwagens verder te stimuleren.
Herzele ziet ongeveer duizend ritten per jaar
Schepen van Mobiliteit Evi Baeyens (CD&V) benadrukte dat Herzele volgens haar een voorbeeldfunctie heeft op het vlak van deelmobiliteit, en zeker wat het gebruik van deelwagens betreft. “Jaarlijks worden een duizendtal ritten ingepland”, aldus Baeyens. Daarmee wil het gemeentebestuur aantonen dat de deelwagens in Herzele wel degelijk worden gebruikt en dat er een publiek voor bestaat.
Voor de specifieke deelwagen in Steenhuize liggen de gebruikscijfers momenteel echter lager. Volgens de schepen wordt de wagen daar momenteel ongeveer vijf keer per maand gereserveerd.
Baeyens noemt dat geen uitzonderlijke situatie voor een nieuwe deelwagen. Een nieuwe locatie en wagen moeten volgens haar eerst voldoende bekendheid verwerven bij de inwoners voordat het gebruik op gang komt.
Testritten moeten Steenhuize bekendmaken
Om het gebruik van de deelwagen in Steenhuize te verhogen, wordt daarom ingezet op extra promotie. De gemeentelijke partner voor deelwagens, Valckenier Share, zal in Steenhuize langskomen om er testritten te organiseren.
Het gemeentebestuur hoopt op die manier inwoners op een laagdrempelige manier kennis te laten maken met het systeem. Wie de deelwagen zelf kan uitproberen, krijgt volgens de gemeente een beter beeld van de mogelijkheden en het gebruiksgemak van deelmobiliteit.
Daarnaast zal Herzele de deelmobiliteit opnieuw extra onder de aandacht brengen via de gemeentelijke website en sociale media.
‘Bij een deelwagen spreken we niet van laadpaalkleven’
Op de vraag van De Loor waarom de deelwagen zo lang op de laadplaats blijft staan, kwam ook een belangrijke nuancering vanuit het gemeentebestuur.
Volgens schepen Baeyens kan bij een deelwagen niet zomaar gesproken worden van ‘laadpaalkleven’. Bij iedere deelwagen hoort immers een eigen laadpaal. De laadplaats maakt deel uit van de standplaats van de deelwagen. “Bij elke deelwagen hoort een elektrische laadpaal. Zo heeft de wagen een vaste, herkenbare plaats en kan die meteen ook laden”, verduidelijkte de schepen.
De laadplaats is dus niet uitsluitend bedoeld als een gewone publieke laadplaats waarop iedere elektrische wagen tijdelijk kan parkeren om de batterij op te laden. Voor de deelwagen vormt de plaats tegelijkertijd de vaste standplaats.
Extra aandacht voor gebruik in Steenhuize
De discussie maakt wel duidelijk dat het gemeentebestuur het gebruik van de deelwagen in Steenhuize verder wil stimuleren. Met ongeveer vijf reservaties per maand ligt het gebruik er momenteel duidelijk lager dan het totale aantal ritten dat met de Herzeelse deelwagens wordt gemaakt.
De komende periode wordt daarom vooral gekeken naar bekendmaking en kennismaking. De geplande testritten van Valckenier Share, gecombineerd met communicatie via de gemeentelijke website en sociale media, moeten ervoor zorgen dat meer inwoners de deelwagen leren kennen en effectief gaan gebruiken.
Voor De Loor blijft intussen de vraag naar de beschikbare laadcapaciteit in Steenhuize relevant, zeker nu de dorpsschool opnieuw volop draait en de parkeerplaatsen rond de kerk opnieuw intensiever worden gebruikt. De gemeente benadrukt daartegenover dat de laadplaats van de deelwagen een vaste standplaats is en dus niet gelijkgesteld kan worden aan een gewone publieke laadplaats die door iedere elektrische wagen vrij moet kunnen worden gebruikt.

