Tijdens de gemeenteraad van 16 februari kaartte Jordy De Dobbeleer (Groen) opnieuw de situatie rond de zone 30 in de binnenstad aan. Hij wilde duidelijkheid over de resultaten van snelheidscontroles in 2024 en 2025, en vroeg welke intenties het stadsbestuur heeft om effectief te handhaven in die zones.
Uit de beschikbare gegevens blijkt dat er tot op vandaag nog geen enkele snelheidscontrole werd uitgevoerd in de zone 30, noch in 2025 of 2024, noch in de jaren daarvoor. Dat leidde tot kritische vragen vanuit de oppositie.
“Wat is de technische moeilijkheid?”
De Dobbeleer vroeg zich af wat precies de technische belemmeringen zijn om in de binnenstad controles uit te voeren.
“Wat is juist de technische moeilijkheid om in de binnenstad controles uit te voeren?”, klonk het. Daarnaast informeerde hij of het stadsbestuur bereid is om gerichte controles te organiseren, bijvoorbeeld bij evenementen in de binnenstad of bij het begin en einde van de schooluren in schoolomgevingen. Indien positief, wou hij weten of het stadsbestuur dat formeel aan de politie zou vragen.
Flitsen “niet prioritair”
Burgemeester Guy D’haeseleer temperde de verwachtingen. Volgens hem is flitsen in de zone 30 geen prioriteit voor de stad.
Een vaste flitsautomaat, zoals het bekende toestel ‘Sammeken’ in Aalst, is volgens hem in Ninove niet evident. Bovendien acht hij controles tijdens schoolspitsen weinig zinvol. “Aan het begin en einde van de schooltijden is dat ook niet nodig, omdat de snelheid in die buurten dan laag ligt,” stelde hij.
Buiten de schooluren wordt er volgens hem wel sneller gereden, bijvoorbeeld in de Onderwijslaan. Toch tonen eerdere flitsresultaten in zones 30 volgens de burgemeester doorgaans beperkte overschrijdingen aan, gemiddeld tussen 32 en 35 km/uur. Daarbij zou het vaak gaan om bewoners zelf.
“Wij gaan dus niet massaal flitsen en pesten met dergelijke flitscontroles,” klonk het.
Vier verplaatsbare toestellen
Toch komt er beweging in het dossier. De stad plant de aankoop van vier elektronische en verplaatsbare toestellen die zowel meten als flitsen. Die zullen in overleg met de politie en de dienst mobiliteit worden ingezet op locaties waar de overlast het grootst is.
De aanpak wordt gefaseerd: eerst sensibiliseren, daarna handhaven.
De burgemeester trad ook Dirk Vanderpoorten (Positief Ninove) bij in zijn bezorgdheid over zogenaamde “laagvliegers” in het stadscentrum, bestuurders die – al dan niet onder invloed – met hoge snelheid door het centrum rijden. D’haeseleer kondigde aan overleg te zullen plegen met de gouverneur om na te gaan in welke mate hij als burgemeester bijkomende maatregelen kan nemen.
Discussie over zin en onzin van zone 30
Schepen van Mobiliteit Dany Goessens (Forza Ninove) maakte een onderscheid tussen schoolomgevingen en woonwijken enerzijds, en andere straten anderzijds.
Volgens hem is een zone 30 in schoolomgevingen en residentiële buurten gepast, maar werd die maatregel elders “ondoordacht” ingevoerd. Hij verwees naar brede straten van acht meter zonder snelheidsremmende infrastructuur, waar een zone 30 volgens hem weinig draagvlak heeft.
“Controles, ja, maar eerst infrastructuur aanbrengen vooraleer een zone 30 in te voeren,” stelde hij.
Om die reden werd de Mallaardstraat intussen uit de algemene zone 30 gehaald en geldt daar opnieuw een maximumsnelheid van 50 km/uur.
Balans tussen handhaving en draagvlak
Het debat toont aan dat de discussie rond verkeersveiligheid in de stad nog lang niet beslecht is. Terwijl de oppositie aandringt op gerichte en effectieve controles in de zone 30, kiest het stadsbestuur voorlopig voor een voorzichtige aanpak met eerst sensibilisering en gerichte inzet van mobiele toestellen.
De komende maanden zal moeten blijken of die strategie volstaat om zowel het veiligheidsgevoel als het respect voor de geldende snelheidslimieten in de binnenstad te verhogen