Aan het kerkhof aan de Achttien Augustuslaan in Wetteren werd gisterenavond een plechtige hulde gebracht aan de gedeporteerden en overleden politieke gevangenen. Met bloemen, ingetogen woorden en een moment van bezinning werden de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog herdacht. Exact 82 jaar nadat 22 Wetteraars door de Duitse bezetter werden opgepakt, blijft hun verhaal in de gemeente voortleven.
De herdenking stond in het teken van zeven Wetteraars die tijdens de oorlog het leven lieten als gevolg van hun verzet en hun trouw aan het vaderland. Hun namen worden vandaag nog steeds met respect uitgesproken en herinneren aan een periode waarin vrijheid, veiligheid en menselijke waardigheid zwaar onder druk stonden.

Nacht van 17 op 18 augustus 1944
In de nacht van 17 op 18 augustus 1944 voltrok zich in Wetteren een dramatische gebeurtenis. De Duitse bezetter pakte die nacht 22 inwoners van de gemeente op. Ze werden verdacht van sabotage en van deelname aan het verzet tegen de Duitse bezetting.
Voor zestien van hen zou de gevangenschap in Gent uiteindelijk van relatief korte duur zijn. Voor zes anderen betekende de arrestatie echter het begin van een lange en onmenselijke tocht richting Duitsland. Zij zouden nooit meer naar Wetteren terugkeren.
Camiel Bossaer, Cyriel Wante, Adolf Van Kerckhove, Arthur Verstuyft, Paul Blanchaert en Georges Tremerie werden weggevoerd naar strafkampen in de omgeving van Hamburg. Daar werden zij geconfronteerd met de harde realiteit van de Duitse strafkampen: uitputtende dwangarbeid, honger, kou, geweld en een systematische ontmenselijking.
De omstandigheden waren meedogenloos. De gevangenen moesten onder bijzonder zware omstandigheden werken, terwijl voedsel en medische zorgen schaars waren. De extreme werkomstandigheden en de strenge winter van 1945 werden de zes Wetteraars uiteindelijk fataal.
Ook Prosper De Vuyst betaalde zijn trouw aan het vaderland met zijn leven. Daarmee kwam het aantal Wetteraars dat tijdens de oorlog door vervolging en deportatie het leven verloor op zeven.

Zeven namen, zeven levens
Tijdens de plechtigheid werd stilgestaan bij de menselijke verhalen achter de namen die vandaag op monumenten en graven worden vermeld. “Zeven namen. Zeven mensen. Zeven levens die werden afgebroken door oorlog en bezetting”, benadrukte schepen Eline Pardaen. “Achter elk van die namen zat een familie: ouders, echtgenoten, kinderen, vrienden en buren. Mensen die op een dag hun geliefde, hun vader, hun zoon of hun vriend zagen vertrekken en zonder te weten of ze ooit zouden terugkeren.”
Die woorden onderstrepen dat de slachtoffers niet alleen cijfers uit een geschiedenisboek zijn. Het waren inwoners van Wetteren, met een gezin, een vriendenkring, een job en een dagelijks leven. Hun deportatie liet families achter met verdriet, onzekerheid en uiteindelijk het besef dat hun dierbare nooit meer zou thuiskomen.
Bij de graven en monumenten op het kerkhof werden bloemen neergelegd. Dat gebeurde door het gemeentebestuur, vaderlandslievende verenigingen en familieleden van de slachtoffers. De plechtigheid vormde zo niet alleen een eerbetoon aan de overledenen, maar ook een moment waarop verschillende generaties en organisaties samen het verleden levend hielden.

Straatnamen als blijvende herinnering
Ook vandaag is de herinnering aan de gebeurtenissen van 1944 nog zichtbaar in het straatbeeld van Wetteren. De Achttien Augustuslaan en de Wegvoeringstraat verwijzen rechtstreeks naar de gebeurtenissen uit de oorlogsjaren. “Het zijn vertrouwde plaatsen in onze gemeente, maar tegelijk dragen ze een verhaal met zich mee”, aldus Eline Pardaen. “Een verhaal van angst en verlies, maar ook van moed, trouw en verzet.”
Volgens de schepen is het belangrijk dat die historische betekenis niet verloren gaat. Straatnamen, monumenten en herdenkingsmomenten zorgen ervoor dat de geschiedenis niet alleen in archieven of boeken blijft bestaan, maar ook deel blijft uitmaken van het dagelijkse leven in de gemeente. “En precies daarom is deze herdenking ook vandaag nog betekenisvol. Want vrijheid is nooit vanzelfsprekend geweest”, klonk het.

Herdenken als waarschuwing voor de toekomst
De herdenking keek daarbij niet uitsluitend terug naar het verleden. Volgens Pardaen draagt herdenken ook een duidelijke boodschap voor de toekomst. “Herdenken betekent daarom meer dan terugkijken. Het betekent ook waakzaam blijven. Waakzaam voor haat, voor uitsluiting, voor onverdraagzaamheid en voor het ontmenselijken van anderen.”
De geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog toont volgens haar hoe gevaarlijke ontwikkelingen geleidelijk kunnen ontstaan. Grote conflicten en tragedies beginnen niet noodzakelijk met één grote gebeurtenis. Ze kunnen ook groeien vanuit kleine vormen van uitsluiting, woorden die mensen tegen elkaar opzetten en het langzaam aanvaarden van zaken die aanvankelijk onaanvaardbaar lijken.
“Want de geschiedenis leert ons dat grote conflicten en grote tragedies niet altijd beginnen met grote gebeurtenissen. Soms beginnen ze met woorden. Met het wegzetten van mensen als minderwaardig. Met het stilaan aanvaarden van wat eigenlijk onaanvaardbaar is.”
Daarom blijft het volgens de schepen belangrijk om de verhalen van de slachtoffers door te geven aan volgende generaties. Niet om in het verleden te blijven hangen, maar om uit dat verleden lessen te trekken. “Daarom hebben wij vandaag een opdracht. Niet om in het verleden te blijven leven, maar om het verleden mee te nemen naar de toekomst.”
Met de jaarlijkse hulde aan de gedeporteerden en overleden politieke gevangenen houdt Wetteren die opdracht zichtbaar in ere. De bloemen aan de graven en monumenten zijn daarbij meer dan een symbolisch gebaar. Ze vormen een teken van respect voor zeven mensen die hun leven verloren, maar ook een herinnering aan de kwetsbaarheid van vrijheid en vrede.
82 jaar na de dramatische nacht van 17 op 18 augustus 1944 blijft Wetteren hun namen herinneren. Zeven levens werden door oorlog en vervolging afgebroken, maar hun verhaal mag niet worden vergeten.








