De straten van Denderbelle kleurden op zaterdag 2 augustus opnieuw koers. De charmante Lebbeekse deelgemeente, waar wielrennen al decennialang in het dorpsweefsel zit, zette zijn tienjarig koersjubileum luister bij met een unieke dubbele koersdag. Bezieler Gilbert Philips, de man die het wielerinitiatief een decennium geleden op poten zette, vierde zijn jubileum met een sportieve primeur: voor het eerst stonden zowel nieuwelingen als junioren aan de start. Regen, strijdlust en jong geweld maakten er een onvergetelijke editie van.
Gilbert Philips blaast tien kaarsjes uit met dubbele koersdag.
De Denderbelse wielertraditie begon tien jaar geleden met een bescheiden kermiskoers, maar groeide dankzij de tomeloze inzet van Gilbert Philips uit tot een gevestigde waarde op de Oost-Vlaamse wielerkalender. Philips bouwde jaar na jaar aan het parcours, de organisatie, de randanimatie en de betrokkenheid van vrijwilligers. Dit jaar gooide hij het over een andere boeg. “Tien jaar, dat moest gevierd worden”, vertelt Philips zichtbaar geëmotioneerd. “We wilden iets extra doen en zijn erin geslaagd om twee wedstrijden te organiseren. Een logistieke uitdaging, maar eentje die voldoening schenkt als je ziet hoeveel talent hier vandaag rondrijdt.”
Kobe Eliano: “Alles wat ik ervoor heb opgegeven, loont eindelijk”
In het hart van de Lebbeekse deelgemeente Denderbelle weerklonk afgelopen zaterdag een overwinningskreet die lang nazinderde in de oren van het publiek. Geen gevestigde naam, geen favoriet van het eerste uur, maar een jonge kerel uit Geraardsbergen die voor het eerst écht mocht proeven van wat winnen betekent. Kobe Eliano (16), tweedejaars nieuweling bij Onder Ons Parike, haalde het in een spannende finale na een regenachtige en nerveuze koers. Zijn vreugde-explosie bij het overschrijden van de meet – vinger op de mond richting criticasters, een oerkreet en de armen triomfantelijk in de lucht – sprak boekdelen: dit was méér dan zomaar een overwinning. Dit was het resultaat van opoffering, doorzettingsvermogen en geloof in eigen kunnen.
Van voetbalschoenen naar koerspedalen.
Kobe Eliano’s weg naar de koers was er geen die begon op jonge leeftijd met jeugdcategorieën en kampioenstitels. Integendeel, zijn liefde voor de fiets moest concurreren met een andere passie: voetbal. “Ik ben begonnen met koersen in mijn tweede jaar als aspirant”, vertelt Kobe. “Maar ik combineerde dat toen nog met voetbal bij Olsa Brakel, waar ik vier keer per week moest trainen. Daardoor kon ik amper trainen met de fiets. Dat was heel frustrerend, want mijn uitslagen in het wielrennen bleven achter.”
De jonge Geraardsbergenaar voelde aan dat hij keuzes moest maken. Met het hoofd én het hart koos hij voor de koers. “Ik heb vorige zomer beslist om te stoppen met voetbal. Het was een moeilijke beslissing, maar ik heb er nog geen seconde spijt van. Ik wilde zien hoever ik kon geraken op de fiets, maar dan moest ik er ook alles voor over hebben.”
Moeizame start en eerste signalen van talent.
De eerste maanden als koersrenner waren geen rozengeur en maneschijn. “De beginperiode was lastig. Mijn doel was simpel: proberen het peloton te volgen en uit te rijden. Meer zat er niet in. Als je maar één keer per week kan trainen en dan het weekend in een peloton van 60 à 70 gasten moet standhouden, dan bots je snel op je limieten.”
Maar Kobe liet zich niet ontmoedigen. Met de keuze om voluit voor het wielrennen te gaan, kwam ook de progressie. “Voor het seizoen 2025 had ik twee grote doelstellingen: geselecteerd worden voor de grote wedstrijden, en ergens proberen te winnen. Ik wilde ook mijn ploeg tonen dat ik vooruitgang had geboekt, dat ik iets in mijn mars had. En ik wilde vooral mezelf bewijzen.”
Sterke seizoensstart, tegenslag en wederopstanding.
Het seizoen kende een bemoedigende start. “Ik reed enkele mooie top tien-plaatsen in sterke bezette koersen, en behaalde mijn eerste podium in Knesselare. Kort daarna volgde Erwetegem, waar ik opnieuw derde werd voor een massa supporters. Dat gaf vertrouwen.”
Maar dan sloeg het noodlot toe. Mechanische pech begon zijn prestaties te dwarsbomen. “Het was telkens iets: een kettingprobleem, een spaakbreuk, een derailleur die blokkeerde… week na week. Mentaal kruipt dat in je hoofd. Je voelt je goed, maar je kunt het nooit afmaken.” Toch bleef Kobe niet bij de pakken zitten. “Ik ben blijven trainen, blijven geloven. En stilaan voelde ik dat de vorm weer terugkwam.” Dat gevoel kreeg een spectaculaire bevestiging in Denderbelle.
Regen, chaos en koersinzicht.
“De omstandigheden waren verre van ideaal. Het begon al te regenen voor de start, en dat maakte het parcours verraderlijk glad”, blikt Kobe terug. “Vanaf de eerste kilometers was het opletten geblazen. Er waren meerdere valpartijen, ook in het peloton. Gelukkig bleef ik zelf overeind.”
Op het juiste moment koos Kobe het hazenpad. “We raakten voorop met zes renners. Iedereen werkte goed mee. We reden een constante voorsprong bij elkaar van bijna een minuut. Dat was genoeg om het peloton op afstand te houden, ook dankzij het afstopwerk van mijn ploegmaats. Die hebben fantastisch werk geleverd.”
Met nog enkele kilometers te gaan, wist Kobe dat hij een kans maakte. “Ik voelde dat ik nog wat over had. In de laatste rechte lijn twijfelde ik niet. Ik ging vol aan en wist vijftig meter voor de streep dat het binnen was. Dat gevoel… dat kan ik met geen woorden omschrijven.”
Zijn symbolische zegegebaar – de vinger op de lippen – was geen toeval. “Dat gebaar was voor iedereen die ooit zei dat ik te laat begonnen was, dat ik geen koerskop had, of dat ik beter bij het voetbal gebleven was. Vandaag heb ik hen het tegendeel bewezen.”
Selectie voor het Belgisch kampioenschap.
De overwinning in Denderbelle kreeg nog een onverwacht staartje: de selectie voor het Belgisch kampioenschap van komende zondag. “Ik was tot dan toe nog niet geselecteerd, maar deze prestatie heeft blijkbaar indruk gemaakt”, zegt Kobe trots.
“Voor het BK bereid ik me voor zoals op elke koers. Geen speciale rituelen, gewoon mijn vertrouwde spaghetti de avond voordien en op tijd slapen. Ik wil er vooral het beste van maken en opnieuw tonen dat ik erbij hoor.”
Blik op de toekomst: Portugal lonkt.
Na het BK ligt er nog een druk programma te wachten. “Er staan nog enkele kermiskoersen gepland, en eind augustus trek ik met de ploeg naar een driedaagse in Portugal. Dat wordt mijn eerste buitenlandse wedstrijd, en ik kijk er enorm naar uit. Nieuwe wegen, nieuwe renners, nieuwe kansen.”
“Dit wil ik opnieuw meemaken”
Zijn allereerste overwinning zal Kobe Eliano nooit vergeten. “Die laatste vijftig meter… dat blijft voor altijd in mijn hoofd zitten. Alles waarvoor ik het heb gedaan, alle trainingen, alle keuzes, alle teleurstellingen… het kwam daar samen. En dat gevoel, dat wil ik opnieuw meemaken. Dit is nog maar het begin.”
Met zijn volwassen kijk, zijn groeiende palmares en zijn ontembare motivatie, lijkt Kobe Eliano een naam om in de gaten te houden. Denderbelle was zijn vuurdoop op het hoogste schavotje, maar zeker niet zijn laatste keer. De koers heeft er een nieuwe karakterkop bij – eentje met ambitie, discipline én een droom.
Emiel Van Durme: “Ik wil bewijzen wat ik écht waard ben”
In de schaduw van de grote favorieten en gevestigde namen reed de 16-jarige Emiel Van Durme uit Erpe-Mere zich zaterdag knap naar een derde plaats bij de tweedejaars nieuwelingen in Denderbelle. De renner van Crabbe-Dstny toonde zich opnieuw in de aanval en bekroonde zijn sterke koers met een podiumplek, ondanks een moeilijke aanloop naar het seizoen.
Een resultaat dat niet alleen veelzeggend is voor zijn koersinzicht en doorzettingsvermogen, maar ook voor zijn ambitie. “Dit seizoen is voor mij een soort revanche”, klinkt het. “Ik weet dat ik het kan. Nu moet het er ook uitkomen.”
Opstaan na een moeilijk jaar.
2024 was een rampjaar voor Emiel. Een reeks valpartijen, telkens op een moment dat het net beter begon te gaan, gooide roet in het eten. Het vertrouwen kreeg klap na klap. “Fysiek herstel je wel, maar mentaal is het zwaar. Je werkt weken naar een doel, komt er dicht bij, en dan crash je weer – letterlijk. Ik heb me vaak afgevraagd: komt het ooit goed?”
Die twijfel maakte plaats voor vastberadenheid. Emiel koos voor een frisse start en sloot zich aan bij Onder Ons Parike. Een ploeg met een stevige reputatie en goede begeleiding. “Ik wou opnieuw beginnen, met nieuwe mensen rond mij. Deze winter heb ik heel hard gewerkt, ik was topgemotiveerd. Maar toen kwam de volgende tegenvaller…”
Klierkoorts gooit roet in het eten.
Nog voor het seizoen goed en wel op gang kwam, kreeg hij te horen dat hij klierkoorts had. “Dat kwam hard aan. Ik voelde me moe, futloos. Je weet dat je goed gewerkt hebt, en dan moet je weer gas terugnemen.” Toch probeerde Emiel zo snel mogelijk de draad op te pikken. “Ik heb geluk gehad, ik ben er relatief goed doorgekomen. Al is een deel van mijn voorbereiding wel verloren gegaan.”
Desondanks reed hij al snel opnieuw mee in de voorste gelederen. “De eerste koersen waren zwaar, de uitslagen mager. Maar ik voelde: het komt. De laatste weken zijn het goede gevoel en de resultaten terug: meerdere top 10-plaatsen, twee keer podium. Maar nog steeds geen overwinning, en die komt er hopelijk snel.”
Denderbelle: aanvallen loont.
De wedstrijd in Denderbelle begon nochtans niet met de beste voortekenen. “Voor de start voelde ik me eigenlijk niet zo goed. De benen voelden wat stroef, niet zoals anders. Maar ik had een duidelijk doel: mijn tweede plaats in het Trofee Zuid-Oost-Vlaanderen klassement verdedigen.”
Dat doel zette Emiel aan tot actie. Al in de eerste ronde ging hij solo in de aanval. “Dat was misschien iets te vroeg, maar ik wou de koers openbreken.” Niet veel later volgde een nieuwe poging, ditmaal met een medevluchter. Ook die actie werd geneutraliseerd, maar Emiel bleef niet bij de pakken zitten.
“In ronde drie reden vijf renners weg. Ik twijfelde geen seconde en ging er alleen naartoe. Het was alles of niets.” Zijn aanval loonde. “We bleven weg, al reed niet iedereen voluit mee. Uiteindelijk deden vooral Seppe, Kobe en ikzelf het werk. In de laatste kilometer voelde ik me sterk, maar in de spurt raakte ik ingesloten. Dat was balen. Ik kon mijn sprint niet echt rijden.”
Toch behaalde Emiel een verdiende derde plaats. “Ik ben blij met het podium, maar het blijft knagen. Ik weet dat er meer in zat. Een overwinning blijft mijn doel. Derde zijn is mooi, maar het is die eerste plaats die blijft hangen.”
Koersen met visie.
Emiel Van Durme is geen klassieke spurter. “Ik ben eerder een aanvaller. Ik probeer koers te maken, initiatief te nemen, mezelf te tonen. Als je wacht op de sprint, dan heb je weinig marge voor fouten. Ik heb liever controle over mijn koers.”
Wat voor parcours ligt hem het best? “Een iets zwaarder parcours, licht oplopend of met veel wind. Daar kun je het verschil maken. In een biljartvlak pelotonkoers is het moeilijker om je te onderscheiden.”
Dat bewees hij onder andere met een negende plaats in de interclub in Denderhoutem, een koers waarin hij zich toonde met een aanvallende rijstijl. Zijn eerste podium van het seizoen kwam er in een massasprint, de tweede – in Denderbelle – na een ontsnapping. “Het bewijst dat ik op verschillende manieren kan meedoen voor de prijzen.”
Volgende halte: Belgisch kampioenschap.
Zondag volgt een belangrijk moment in zijn jonge carrière: het Belgisch kampioenschap bij de nieuwelingen. Emiel is realistisch, maar ambitieus. “Het deelnemersveld is ijzersterk. Ik verwacht niet dat ik daar voor de winst zal meedoen, maar ik hoop toch op een top 20, misschien zelfs een top 10. Ik zal me zo goed mogelijk voorbereiden, goed eten, voldoende rusten en hopen dat ik zondag met frisse benen aan de start sta.”
En dromen over de Belgische driekleur? “Natuurlijk. Elke renner droomt daarvan. Maar het moet allemaal meezitten. Ik zal vooral mijn best doen en proberen genieten. En als het moment er is, dan ga ik ervoor.”
Ambitie: Trofee Zuid-Oost-Vlaanderen en meer.
Na het BK verschuift de focus terug naar het regelmatigheidscriterium van de Trofee Zuid-Oost-Vlaanderen, waarin Emiel momenteel op de tweede plaats staat. “Ik wil mijn positie verdedigen, maar het liefst nog verbeteren. Ik geloof erin dat het mogelijk is om die trofee te winnen.”
Daarnaast staan ook nog de Ronde van West-Vlaanderen, enkele topcompetities en interclubs op het programma. “Het wordt nog een drukke nazomer, maar ik ben klaar om te knallen.”
Een renner met karakter.
Emiel Van Durme bewijst met zijn verhaal dat karakter en doorzettingsvermogen minstens even belangrijk zijn als talent. Na een jaar vol pech en een valse start in 2025 blijft hij volhardend zijn doelen najagen. Hij is geen renner die zich laat ontmoedigen. Hij toont lef, leest de koers, en durft verliezen als het moet.
Zijn derde plaats in Denderbelle is geen toevalstreffer, maar het resultaat van hard werk, koersintelligentie en een ontembare wil om te winnen. De overwinning laat nog even op zich wachten, maar niemand twijfelt eraan: als Emiel Van Durme blijft groeien, volgt die eerste zege sneller dan verwacht.
Thuisrijder Nolan Meert: “Had zo graag willen winnen in mijn dorp”
Voor Nolan Meert (16) was de wedstrijd in Denderbelle er één met een speciale lading. De jonge renner uit de Lebbeekse deelgemeente had zich opgemaakt voor een koers op bekend terrein, met buren en vrienden die hem luidkeels kwamen aanmoedigen. Toch moest hij na een zwaar bevochten wedstrijd genoegen nemen met een 17de plaats. “Ik reed een degelijke koers, maar had zó graag willen winnen in mijn thuisdorp.”
Regen breekt koers open.
Het weer gooide roet in het eten tijdens de wedstrijd in Denderbelle. Meert, aangesloten bij R.EV Brussels Cycling Academy, stond met een goed gevoel aan de start. “Al mijn fans waren er. (lacht) De buren stonden aan de deur, mijn beste vrienden stonden langs het parcours. Dat gaf een enorme boost.” Wat volgde, was een koers die door een onverwachte stortbui volledig werd opengebroken.
“Ik had de weersvoorspellingen bekeken, maar zo’n hevige regen had niemand verwacht. Niet ver voorbij mijn eigen huis was er plots een valpartij. Ik kon er net aan ontsnappen, gelukkig vielen er niet veel renners, maar het peloton werd wel opengereten”, blikt Meert terug.
Even aan kop, maar geen ontsnapping.
Na het incident nam Meert even de kop in de achtervolgende groep. “Ik wilde echt wegrijden, zeker voor eigen publiek. Maar de wegen lagen nog nat en verraderlijk glad, dus kon ik geen risico’s nemen. Het peloton haalde me weer in.”
Even later vertrok de beslissende ontsnapping, maar de Denderbellenaar zat op dat moment net te ver van achteren in het peloton. “Dat was balen. Ik had er graag bij geweest, maar zat op het verkeerde moment op de verkeerde plaats. Daarna werd het vooral volgen en hopen op een sprint.”
Teleurstelling overheerst, maar ook trots.
Ondanks zijn 17de plaats kijkt Nolan Meert met gemengde gevoelens terug. “Ik had echt graag een beter resultaat gereden. In mijn thuisdorp, voor mijn supporters… Dan wil je iets laten zien. Maar ik ben ook realistisch: ik heb een degelijke koers gereden in moeilijke omstandigheden. De vorm is goed, dat stemt me gerust voor wat komt.”
Programma met R.EV ride en West-Vlaanderen Cycling Tour.
De komende dagen staan er geen officiële wedstrijden op de planning voor Meert, maar dat betekent niet dat hij stilzit. “Zaterdag 9 augustus rijd ik mee met de R.EV Ride, een mooie groepsrit met verschillende collega-renners. Op 16 augustus rijd ik dan in Bevel, het thuisdorp van mijn meter. Ook daar hoop ik me te tonen.”
Hoogtepunt van de maand wordt de meerdaagse West-Vlaanderen Cycling Tour van 21 tot en met 24 augustus. “Ik ben gevraagd om deel te nemen, en kijk daar enorm naar uit. Het is een kans om mezelf te meten in een zwaarder deelnemersveld. Na Denderbelle ben ik extra gemotiveerd.”
Koersen is meer dan winnen.
Hoewel de overwinning in Denderbelle uitbleef, bewees Nolan Meert andermaal zijn karakter en inzet. De jonge renner weet dat zijn moment nog komt. “Koersen is meer dan winnen. Het gaat ook om leren, groeien en genieten. En ondanks de regen en het resultaat heb ik wél genoten. Nu op naar de volgende kansen.”
Jasper Christiaens: “Ik overweeg om een jaar lang alles op de koers te zetten”
Onder een stralende zomerzon en voor een enthousiast publiek in Denderbelle schreef tweedejaarsjunior Jasper Christiaens zaterdag zijn naam in hoofdletters bij op de erelijst van de juniorenkoers. De 18-jarige renner van Cannibal-Victorious, afkomstig uit Overboelare, klopte in een razend spannende millimeterspurt Lennert Everaert en Roeland Strypens en mocht zo voor de derde keer dit seizoen het zegegebaar maken. Zijn zege was het resultaat van koersinzicht, strategisch denken en een messcherpe sprint. “Ik was vrij zeker van mijn stuk, maar het draaide wel nipt uit. Gelukkig kon ik het net afmaken,” blikt Christiaens tevreden terug.
Vroege vlucht beslist koersverloop.
De wedstrijd bij de junioren kende een bijzonder attractief verloop. Al vroeg in de koers ontstond een kopgroep van zeven renners, die zich definitief wist los te werken van het peloton. “We trokken al na een twintigtal kilometer met zeven man ten aanval,” vertelt Christiaens. “Ik zat in een wat penibele situatie, want ik was de enige renner zonder ploegmaat in de groep. De anderen reden in duo’s, dus ik moest slim koersen. Gelukkig verliep de samenwerking vrij goed. Iedereen draaide zijn beurten, tot op een tiental kilometer van het einde het kat-en-muisspel begon.”
Wat volgde, was een finale vol prikjes, schijnbewegingen en gevaarlijke demarrages. “Het werd tactisch,” analyseert Christiaens. “Ik concentreerde me op de sterkste jongens, de echte concurrenten voor de overwinning. Pogingen van de anderen liet ik wat begaan, in de hoop dat hun ploegmaat het zou dichten. Dat lukte, en zo konden we uiteindelijk toch met z’n zevenen richting finish trekken.”
Sprint mét vergissing, zonder gevolgen.
De wedstrijd eindigde zoals Christiaens het had gehoopt: in een sprint. Alleen had hij de aankomststrook niet helemaal correct ingeschat. “Ik trok zelf de sprint op gang, iets vroeger dan gepland,” vertelt hij eerlijk. “Ik dacht dat we dichter bij de finish zaten, maar het bleek nog een stuk verder. Daardoor werd het toch nog erg spannend. Everaert en Strypens kwamen gevaarlijk opzetten, maar ik kon hen net afhouden. Het verschil was miniem, maar groot genoeg voor de overwinning. Zo’n spurt winnen, op kracht en karakter, dat doet deugd.”
De zege in Denderbelle is voor Christiaens zijn derde van het seizoen. Eerder dit jaar was hij al de beste in Bury en boekte hij een opvallende ritzege in het buitenland.
Internationaal succes in Polen.
Met bijzonder veel trots blikt Jasper terug op zijn prestaties in de Poolse UCI-rittenkoers La Coupe de Président de la Ville du Grudziadz, een gerenommeerde rittenkoers voor junioren met een sterk internationaal deelnemersveld. “In de eerste etappe reed ik aanvallend en kon ik de massasprint winnen. Dat leverde me de gele trui op,” blikt hij terug. “Ik heb die trui twee dagen succesvol verdedigd, maar in de laatste rit liep het mis.”
De oorzaak? Een ongelukkige samenloop van omstandigheden. “De start was al om 9 uur ‘s morgens. Het ontbijt lag zwaar op de maag en ik kreeg tijdens de wedstrijd niets binnengehouden. Daarbovenop viel de regen met bakken uit de lucht en kregen we ook nog eens sterke rukwinden te verduren. Op dat moment weet je dat het lastig wordt. Ik heb alles gegeven, maar werd toch uit het geel gereden. Jammer, maar ik kijk vooral met voldoening terug op die koers.”
Cannibal-Victorious als springplank.
Christiaens rijdt dit jaar voor Cannibal-Victorious, het Belgische opleidingsproject gelinkt aan het WorldTour-team Bahrain-Victorious. De ploeg biedt jonge renners zoals Jasper een professionele omkadering. “We krijgen goede begeleiding, alles is tot in de puntjes geregeld,” bevestigt hij. “Ook streekgenoot Leander De Gendt rijdt bij ons in het team. Dat maakt het nog leuker. Samen gaan we door dik en dun.”
Maar 2025 is ook een overgangsjaar voor de Overboelarenaar. Aan het einde van dit seizoen maakt hij de overstap naar de beloften en is hij genoodzaakt op zoek te gaan naar een nieuwe ploeg. “Ik heb net mijn diploma Technologische Wetenschappen behaald, maar ik overweeg sterk om een jaar lang alles op de koers te zetten,” klinkt het vastberaden. “Ik wil mezelf die kans geven. Als het niet lukt, kan ik daarna nog altijd opnieuw studeren, waarschijnlijk iets met sport.”
Kermiskoersen en de toekomst.
De komende weken werkt Christiaens nog verschillende kermiskoersen af. “Tot eind augustus staat mijn kalender vol met nationale wedstrijden. Daarna volgen opnieuw enkele UCI-koersen met de ploeg. Ik wil me blijven tonen, zodat ik de interesse kan wekken van een belofteteam waar ik als eerstejaars de nodige tijd krijg om te groeien.”
De overstap naar de beloften betekent een serieuze stap, vooral qua afstand en intensiteit. Maar daar kijkt Jasper niet tegenop. “In de Trofee van Vlaanderen in Reningelst reden we al 140 kilometer, en dat verteerde ik prima. We werden daar trouwens eerste en derde met de ploeg, dus de vorm is goed. De afstand schrikt me niet af.”
Zelfzeker en gedreven.
Jasper Christiaens straalt in alles wat hij doet een gezonde dosis zelfvertrouwen uit. Niet op een arrogante manier, maar met de vastberadenheid van iemand die weet waar hij naartoe wil. “Ik ben tevreden over mijn seizoen tot nu toe. Maar ik weet dat het nog beter kan. De komende maanden wil ik alles uit de kast halen. Mijn droom is om prof te worden, en ik weet dat ik daarvoor nog veel stappen moet zetten. Maar ik ben bereid om er hard voor te werken.”
Met zijn prestaties, mentaliteit en doorzettingsvermogen heeft Jasper Christiaens zichzelf al stevig op de radar gezet binnen het Belgische wielrennen. Zijn zege in Denderbelle is niet alleen een bevestiging van zijn snelle benen, maar ook van zijn groeiende maturiteit als renner. De toekomst lacht hem toe — als hij blijft bouwen zoals hij bezig is.
Besluit: Denderbelle leeft koers – gisteren, vandaag en morgen.
De tiende verjaardag van de Denderbelse wielerwedstrijd werd er één om te koesteren. Regenbuien, ontsnappingen, emoties, verrassingen en overwinningen: het waren de ingrediënten van een wielerhoogdag waar jong talent volop de kans kreeg om zich te tonen.
Kobe Eliano zette zijn eerste stap richting meer, Emiel Van Durme bewees dat hij er weer staat, Nolan Meert gaf zijn supporters kippenvel met een strijdlustige prestatie in eigen straten, en Jasper Christiaens bevestigde zijn klasse als toekomstig belofte.
Organisator Gilbert Philips mag trots zijn. Tien jaar koers in Denderbelle? Meer dan een jubileum – het is een levende traditie geworden. En als het aan de renners en supporters ligt, volgen er nog vele edities.
