De verkeerssituatie langs de Oudenaardsesteenweg (N46) in Erpe-Mere zorgt opnieuw voor politieke discussie. Fractieleider en gemeenteraadslid Kris Dekoninck (Vlaams Belang) trekt aan de alarmbel over de signalisatie, de verkeersveiligheid voor fietsers en voetgangers, het sluikstorten en het algemene onderhoud van de gemeente. Volgens hem is de situatie onaanvaardbaar en moet het gemeentebestuur dringend meer actie ondernemen.
Schepen van Openbare Werken Marleen Lambrecht (CD&V) reageert scherp op de kritiek. Zij wijst erop dat grote infrastructuurdossiers verschillende fases moeten doorlopen en dat de gemeente wel degelijk bezig is met oplossingen. Volgens haar schetst Dekoninck een te negatief beeld van Erpe-Mere en houdt hij onvoldoende rekening met de complexiteit van dergelijke dossiers.

Dekoninck: “De maat is vol, veiligheid moet vooropstaan”
Volgens Kris Dekoninck is de situatie langs de Oudenaardsesteenweg in Erpe-Mere dringend aan verbetering toe. De gewestweg kreeg deze zomer een nieuwe asfaltlaag, maar volgens het gemeenteraadslid bleef de verkeerssituatie er problematisch achter.
“Onze Oudenaardsesteenweg wordt aangepakt met een nieuw laagje asfalt, maar ondertussen staan er verkeersborden waar een kat zijn jongen niet meer in vindt”, klinkt het kritisch. Vooral de combinatie van een drukke verkeersas, twee op- en afritten van de E40 en de aanwezigheid van handelszaken zoals Aldi, frituren Jajo en Happy en een sportwinkel baart hem zorgen.
Dekoninck wijst ook op de veiligheid van zwakke weggebruikers. “Verkeerslichten die momenteel niet in werking zijn, vormen een levensgevaarlijke situatie voor fietsers en voetgangers. Ondertussen hebben we al twee zwaargewonden gehad met de fiets, waarvan één slachtoffer nog steeds in de kliniek ligt. Dit kan niet meer zo verder.”
Volgens de fractieleider moet het gemeentebestuur sterker optreden richting de bevoegde instanties. “Wanneer gaat onze schepen hier op tafel kloppen en echt opkomen voor de veiligheid van onze inwoners? Voor het Vlaams Belang is de maat vol.”
Ook sluikstorten blijft een doorn in het oog
Naast de verkeerssituatie kaart Kris Dekoninck ook het probleem van sluikstorten aan. Volgens hem blijven inwoners dagelijks geconfronteerd worden met achtergelaten afval. “Onze gemeentearbeiders doen dagelijks hun ronde, maar het is een werk zonder einde. Onlangs zagen we nog sluikstorten langs de Lindekouter, met afval afkomstig van plakwerken.”
Dekoninck pleit voor strengere maatregelen tegen overtreders. “Straf de vervuiler met een effectieve gasboete van 500 euro en maak die boetes ook bekend. Wie gepakt wordt, mag van mij veertien dagen meewerken bij de groendienst in een opvallende roze werkoverall.”
Volgens het gemeenteraadslid moet belastinggeld beter besteed worden. “Ons gemeentegeld kan aan veel betere projecten worden besteed, zoals onze wegeninfrastructuur en voet- en fietspaden. Die zijn dringend nodig.”
Kritiek op omgeving spoorwegen en stations
Ook de omgeving rond de spoorwegen en stations krijgt kritiek van Dekoninck. Hij vindt dat bepaalde plaatsen in Erpe-Mere onvoldoende onderhouden worden. “Langs onze spoorwegen en stations lijkt het de laatste tijd een wildernis te zijn. Onze gemeente verdient beter dan dit. Onze schepen moet hier aan de alarmbel trekken en duidelijk maken dat we dit niet tolereren op ons grondgebied.”
Volgens hem zorgt de verloedering niet alleen voor een onaangename uitstraling, maar kan ze ook bijkomende problemen veroorzaken. “Dit trekt gewoon ongedierte aan.”
Dekoninck besluit zijn kritiek met een stevige uithaal naar het beleid. “Ik begin te denken dat we een schepen van wildernis hebben. Als fractieleider van Vlaams Belang Erpe-Mere vraag ik aan elke schepen om zijn of haar taak ernstig te nemen. Daar betalen we met zijn allen belastingen voor. Nu lijkt Erpe-Mere soms een verlaten eiland.”

Schepen Lambrecht: “Ik heb het gehad met deze uithalen”
Schepen van Openbare Werken Marleen Lambrecht (CD&V) reageert verontwaardigd op de uitspraken van Kris Dekoninck. Volgens haar wordt er te gemakkelijk kritiek geuit zonder rekening te houden met de procedures en de complexiteit van openbare werken. “Ik heb het een beetje gehad met de uithalen van Kris Dekoninck. Ik heb hem al meermaals proberen uitleggen hoe een dossier wordt opgemaakt en welke verschillende stappen er moeten gezet worden vooraleer tot een resultaat te komen.”
Over de situatie op de Oudenaardsesteenweg benadrukt Lambrecht dat er wel degelijk gewerkt wordt aan een structurele oplossing. “Voor wat betreft de N46 zijn we – samen met het Agentschap Wegen en Verkeer – volop bezig met de opmaak van het ontwerp. Daar zijn al vele vergaderingen over georganiseerd en er zullen er nog vele volgen vooraleer we een goedkeuring hebben van alle partners.”
Volgens de schepen moet eerst een ander belangrijk onderdeel aangepakt worden. “De brug over de N46 moet eerst aangepakt worden. Daarbij wordt de onderdoorgang op de N46 verbreed, waardoor de veiligheid zal vergroten.”
Tijdelijke verkeerslichten door werken
Lambrecht spreekt ook de kritiek over de verkeerslichten tegen. “Zijn bewering dat de verkeerslichten niet werken, is onjuist. Er staan tijdelijke verkeerslichten omdat de vaste door de werken, die in augustus verdergaan, niet werken.”
De schepen erkent wel dat de verkeerssituatie niet eenvoudig is. “Dat de signalisatie moeilijk is, komt omdat de situatie moeilijk is. De N46 afsluiten was een optie, maar die optie hebben wij als bestuur niet weerhouden.” Volgens haar was een volledige afsluiting niet de beste keuze voor inwoners, handelaars en verkeer in de omgeving.
Gemeente blijft inzetten op aanpak sluikstorten
Ook over het sluikstorten nuanceert Lambrecht de kritiek. “Er is strenge reglementering, maar we moeten de daders wel kunnen vatten. Soms lukt dat, maar heel dikwijls ook niet.”
Volgens de schepen neemt het gemeentebestuur verschillende maatregelen om het probleem aan te pakken. “Het bestuur neemt heel wat initiatieven om sluikstorten echt tegen te gaan. Er staan ook boetes op als de dader(s) gevat worden.”
Wat het onderhoud van bermen en openbaar groen betreft, verwijst Lambrecht naar het bestaande bermbeheerplan. “In Erpe-Mere hanteren we een bermbeheerplan dat in september opnieuw zal geëvalueerd en indien nodig bijgestuurd worden.” Ook met spoorwegbeheerder Infrabel is er volgens haar overleg. “Met Infrabel is regelmatig overleg en ook zij moeten regels respecteren.”
Besluit
De discussie tussen Kris Dekoninck en schepen Marleen Lambrecht toont opnieuw aan dat openbare ruimte en verkeersveiligheid gevoelige thema’s blijven in Erpe-Mere. Waar de oppositie vooral wijst op zichtbare problemen op straat en vraagt om sneller ingrijpen, benadrukt het gemeentebestuur dat grote dossiers tijd vragen en volgens vaste procedures moeten verlopen.
De komende maanden zullen vooral de verdere werken aan de N46 en de aanpak van sluikstorten bepalend zijn voor de perceptie bij de inwoners. Zowel oppositie als bestuur lijken het alvast over één punt eens: een veilige, nette en leefbare gemeente moet een prioriteit blijven. De vraag is vooral hoe snel de inwoners daarvan ook op het terrein het resultaat zullen merken.


