Een onschuldige drinkbus, een dubbele asfaltplaat en een fractie van een seconde. Meer was er niet nodig om een decennium wielrennen abrupt tot stilstand te brengen. Voor Niels Platteau betekende de Grote Prijs Etienne De Wilde in Laarne op 25 mei het ongewilde einde van zijn wielerloopbaan. De 33-jarige renner van CT Dakwerken Stroobant liep bij een zware val een klaplong, een gebroken enkel, een barst in het bekken en gebroken uitsteeksels van twee wervels op. De fysieke wonden genazen, maar mentaal brak er iets. Voor het eerst in tien jaar vraagt Platteau geen vergunning meer aan.
De interclubwedstrijd in Laarne begon nochtans zoals zovele andere koersen. Tot het misging in de bevoorradingszone. “Na een uur koers reden we daar zo’n zestig per uur”, blikt de Haaltertenaar terug. “Op dat punt lagen twee asfaltplaten tegen elkaar. Door de warmte stonden die iets omhoog. Een aantal plaatsen voor mij verloor iemand zijn drinkbus. Ik zat onderaan in de beugel en ik schrok daarvan.”
Wat volgde was een reflex, ingegeven door jaren koersinstinct, maar op het verkeerde moment fataal. “Ik wilde van onder in de beugel naar boven op mijn shifters komen. Net op dat moment reed ik over dat stuk asfalt. Mijn voorwiel sloeg volledig weg en ik had mijn stuur niet vast. Ik lag meteen tegen de grond.”
De medische diagnose liet niets aan duidelijkheid over. “Rechts een klaplong, gebroken uitsteeksels van twee wervels, een barst in het bekken en een gebroken enkel. Plus nog heel wat schaafwonden. Daar is mijn seizoen eigenlijk gestopt.” Fysiek gezien had Platteau, naar eigen zeggen, later in 2025 nog kunnen terugkeren. Maar de echte schade zat dieper. “Mentaal was de klap zwaarder. Achteraf ben ik me beginnen afvragen of het allemaal nog wel waard is om die risico’s te blijven nemen.”
Die twijfel leefde niet alleen bij hemzelf. Ook zijn familie werd zwaar getroffen. “Mijn papa was vrij snel bij mij. Als je je zoon daar zo ziet liggen… Dat doet iets. Mijn ouders zijn er eigenlijk niet meer voor te vinden dat ik koers. Vooral mijn mama heeft heel duidelijk gezegd: ‘Het stopt hier.’”
Een uitspraak die binnenkwam. “Ik ben 33 jaar en beslis uiteindelijk zelf, maar je beseft wel dat de mensen rond jou ook afzien. Dat is geen gemakkelijk gegeven. Competitie is al zo lang een deel van mijn leven. Dat lijkt nu weg te vallen. Het leven is meer dan koers alleen, maar het is wél een deel van mijn identiteit.”
Na tien jaar in het peloton voelt het afscheid dan ook bitter aan. “Voor het eerst in een decennium vraag ik geen vergunning meer aan. Dat voelt heel raar. Het blijft een zeer donker moment om te stoppen. Mijn verhaal stopt eigenlijk op 25 mei, op het moment dat ik daar op de grond lag. Zo’n laatste ervaring met competitief wielrennen is pijnlijk.”
Met afstand komt ook reflectie, en een vleugje spijt. “In die tien jaar had ik er misschien meer van verwacht. Misschien is er nooit echt uitgekomen wat erin zat. Ik heb ook nooit echt leren koersen, ik ben er gewoon ingerold. Achteraf gezien had ik het misschien anders moeten aanpakken, bijvoorbeeld eerst ervaring opdoen in een nevenbond om finales te leren rijden.”
Ook één carrièreswitch blijft nazinderen. “Mijn tweede jaar reed ik bij Van Eyck. In 2019 ben ik overgestapt naar S-Bikes. Ik zeg niet dat ik daar spijt van heb, maar misschien had ik beter gewoon mijn hele carrière bij Van Eyck gebleven. De sfeer was goed, niks moest, alles mocht. Daar denk ik nog wel eens aan terug.”
Wat de toekomst brengt, is voorlopig onduidelijk. De leegte die de koers achterlaat, is voelbaar. Toch is Platteau de fiets niet helemaal kwijt. “Eind oktober heb ik 24 uur aan een stuk op Zwift gereden voor een goed doel. Dat was een mini-doel dat ik in 2025 toch nog heb kunnen afvinken. Het heeft me opnieuw op de fiets gebracht. Nu train ik weer zoals het hoort, maar zonder echt doel.”
De liefde voor het fietsen blijft intact. “Ik voel dat de fiets altijd een deel van mijn leven zal blijven. Ik heb dat nodig om gelukkig te zijn.” Een terugkeer naar de atletiek, zijn eerste sportieve liefde, ziet hij niet zitten, maar andere uitdagingen lonken. “Duatlon of triatlon, ultra-uitdagingen, gravel… Dat speelt wel in mijn hoofd. Er lag zelfs al een voorstel voor een graveltocht van 720 kilometer rond Alicante.”
Of hij ooit nog een rugnummer opspeldt, durft Platteau niet met zekerheid te zeggen. “Ik weet niet wat de toekomst brengt. Als ik het blijf missen en voel dat mijn lichaam er nog niet klaar mee is, misschien dan wel. Maar voorlopig blijft 25 mei de laatste pagina.”
Een abrupt, ongewild slot van een hoofdstuk dat tien jaar lang draaide om passie, competitie en koers.
Foto’s: Bram Van Lent.
