Jarenlang werd aan bewoners van de Dendervallei verteld dat nieuwe stuwen op de Dender noodzakelijk zijn om overstromingen in de Dendervallei te beperken. Intussen sijpelen er nu cijfers door van de Vlaamse overheid, over de effecten van nieuwe stuwen op het waterregime van de Dender. Die cijfers zijn ontnuchterend voor diezelfde overheid. Daar blijkt namelijk het volgende uit: de nieuwe stuwen leveren géén winst op voor de bescherming van bewoners tegen overstromingen in de Dendervallei.
Dat roept een fundamentele vraag op: waarom worden tientallen miljoenen euro’s geïnvesteerd in infrastructuur die nauwelijks extra bescherming biedt?
Effecten bij een grote overstroming zoals die van november 2010
Bij een zogenaamde T100-overstroming — een overstroming die gemiddeld eens om de honderd jaar voorkomt — tonen de berekeningen aan dat nieuwe stuwen het waterpeil enkel op twee plaatsen in Groot-Geraardsbergen heel beperkt verminderen:
- aan de Sasweg in Geraardsbergen zou het waterpeil (dat in 2010 gehaald werd) slechts 30 centimeter verminderen. Dat verschil maakt vandaag de dag niet meer uit. Want sinds de overstroming van 2010 zijn er verschillende ingrepen gebeurd in de stadskern van Geraardsbergen: er werd een waterkering langs de Sasweg aangelegd die veel hoger is dan het waterpeil van 2010. En er werden terugslagkleppen op de riolering geïnstalleerd. Die ingrepen zorgen voor een betere bescherming van de Grotestraat, Kattestraat en omliggende straten bij een overstroming zoals die van 2010, dan nieuwe stuwen.
- tussen Schendelbeke en Idegem zou met de nieuwe stuwen het waterpeil in een heel beperkte zone slechts 10 cm lager zijn dan in 2010.
- met de nieuwe stuwen zouden sommige weilanden en bossen wat minder overstromen, andere wat meer.
Ook elders in Geraardsbergen maken de nieuwe stuwen volgens de berekeningen geen verschil bij een overstroming zoals die van 2010. Dat blijkt duidelijk uit de grafieken van de Vlaamse overheid.
Met andere woorden: voor overstromingen van het type dat bewoners het hardst treft, bieden de nieuwe stuwen geen bijkomende bescherming.
Daling in Aalst komt niet door de stuwen
Volgens dezelfde berekeningen zou het waterpeil tussen Erembodegem en Aalst wél merkbaar kunnen dalen, van 20 tot zelfs 90 centimeter (in vergelijking met het waterpeil van rond 14 november 2010).
Maar daarbij is een belangrijke nuance te maken: die winst in waterpeil bij overstroming wordt namelijk niet veroorzaakt door de nieuwe stuwen. De daling in waterpeil ontstaat enkel indien de Dender tussen Aalst en Dendermonde aanzienlijk zou verbreed worden, waardoor het water dan sneller in de richting van de Schelde zou worden afgevoerd.
Met andere woorden: niet de stuwen, maar de verbreding van de rivier zou er dan kunnen zorgen voor het effect van vermindering van het waterpeil bij overstroming.
Dat is ook logisch: met nieuwe stuwen kan je overstromingswater nu eenmaal niet wegtoveren. Hooguit is er een licht verschil net voor of net achter de stuw omdat sommige stuwen een bottleneck vormen. Indien er meer water door de nieuwe stuwen kan stromen, zal er stroomafwaarts wat meer water en stroomopwaarts wat minder water in de vallei staan. Maar eens voorbij de stuw wordt de doorvoersnelheid bepaald door de breedte van de Dender zelf en daar heeft een stuw geen impact meer op.
Effecten bij een kleine overstroming in de Dendervallei zoals die van 2024
Bij een T10-overstroming (een overstroming die zich gemiddeld eens in de 10 jaar voordoet) hebben de nieuwe stuwen iets meer impact. Maar voor bewoning maakt ook dat niets uit omdat het waterpeil van de Dender bij zo’n kleine overstroming veel lager staat.
Zo zou het waterpeil door de nieuwe stuwen op de Dender bij een T10-overstroming:
- t.h.v. de Sasweg (centrum Geraardsbergen) 50 cm lager staan. Maar bij een T10-overstroming komt het waterpeil van de Dender niet zo hoog dat de Sasweg zou kunnen overstromen.
- op de Unal-site (Geraardsbergen) 20 cm lager staan, maar ook deze zone overstroomt eenvoudigweg niet bij een T10-overstroming.
- in de kern van Idegem 20 cm hoger komen te staan.
- op een enkel plekje tussen Pollare en Zandbergen 20 cm lager komen te staan (een zone met enkel weilanden, zonder bebouwing).
- in sommige weilanden en bossen buiten de bebouwing wat minder hoog staan, in andere wat hoger.
Omdat de Dender bij dergelijke overstromingen op veel plaatsen niet tot aan woningen reikt, veranderen nieuwe stuwen ook hier weinig aan de veiligheid van bewoners. Op sommige locaties kan het risico zelfs toenemen.
Opnieuw, ook bij zo’n overstroming zoals in 2024 is er nauwelijks verschil voor de bewoners van de Dendervallei met of zonder nieuwe stuwen. Enkel in de dorpskern van Idegem is er bij een T10-overstroming door de nieuwe stuwen een verhoogd risico op wateroverlast.
Daarom rijst een fundamentele vraag:
waarom tientallen miljoenen investeren in een infrastructuur die nauwelijks extra veiligheid biedt voor de mensen die langs de Dender wonen?
Effecten bij heel kleine overstromingen
De nog kleinere overstromingen zijn deze waarbij geen woningen en gebouwen onder water komen te staan. Ook daar zien we enkel een aantal verschuivingen van zones met weilanden en bossen die niet meer zullen overstromen.
Water verdwijnt niet door nieuwe stuwen
Nieuwe stuwen kunnen het water niet doen verdwijnen. Ze veranderen ook niets aan de hoeveelheid water die vanuit Wallonië naar Vlaanderen stroomt, in tegenstelling tot wat vroeger wel eens beweerd werd door ‘deskundigen’ (zonder dat dit toen onderbouwd was; die onderbouwde cijfers en grafieken zijn nu wel voor handen).
Bovendien geeft de NV De Vlaamse Waterweg aan dat het waterpeil van de Dender met nieuwe stuwen beter zou kunnen geregeld worden, maar bij overstromingen worden de stuwen volledig plat gelegd om het water zo snel mogelijk te laten afstromen. Op dat moment spelen nieuwe stuwen dus nauwelijks nog een regulerende rol.
Op sommige plaatsen (zoals in Ninove) laat men vandaag de dag 1 enkele balk zitten om het water meer in de weilanden rond Pollare te houden en het zodoende buiten de stadskern te houden. Ook met een nieuwe stuw in Ninove kan dat op soortgelijke manier gebeuren.
Het idee dat nieuwe stuwen overstromingen gaan doen verdwijnen, is ronduit misleidend. Ook in Wallonië, waar de stuwen al vernieuwd werden, blijft de vallei overstromen.
Hoogtechnologische garanties bestaan niet
Bovendien bieden nieuwe technische installaties geen absolute zekerheid. Zelfs het hoogtechnologische én peperdure hellend vlak van Ronquières (Wallonië) kampt vandaag met defecten, waardoor scheepvaartverkeer er verplicht is om een omweg van meer dan 200 kilometer te maken.
Dat toont aan dat complexe infrastructuur kwetsbaar blijft — en dat technologische oplossingen nooit een garantie vormen tegen wateroverlast.
CONCLUSIE:
De maatschappelijke meerwaarde van nieuwe stuwen op de Dender staat niet in verhouding tot de grote kosten van nieuwe stuwen (min. 10 miljoen euro per stuw – de kost van de stuw van Aalst bedroeg zelfs meerdere tientallen miljoenen euro).
Belangrijke noot: de cijfers, grafieken en waterpeilberekeningen komen niet van Milieufront Omer Wattez vzw maar van de Vlaamse Overheid.
Bijlage: De Grafiek van de Vlaamse Overheid voor een T100-overstroming : verschil in waterpeil met nieuwe stuwen én een aanzienlijke verbreding van de Dender tussen Aalst en Dendermonde.

De lijn T100 staat gelijk met het waterpeil van de Dender dat in november 2010 werd bereikt. De blokjes tonen de verlaging van het waterpeil door nieuwe stuwen én verbreding van de Dender voorbij Aalst. 1 blokje staat voor 10cm.
Ingezoomd op de zone G’bergen-Ninove ziet het er zo uit:
