Het nieuwe aardbeienseizoen is weer van start gegaan, en dat betekent traditioneel dat her en der opnieuw verschillende kraampjes in het straatbeeld opduiken met de verkoop van verse aardbeien. Voor veel inwoners is het een jaarlijkse gewoonte om langs de weg even halt te houden voor een bakje van het populaire rode fruit. Toch is het aanbod op sommige plaatsen merkbaar veranderd. Zo staat het bekende kraampje met lekkere aardbeien ter hoogte van de winkelketen Okay in Erpe-Mere al meer dan één jaar niet meer opgesteld. Nochtans genoot het kraampje een stevige reputatie bij de bevolking.
De reden voor de verdwijning ligt bij een beslissing van het gemeentebestuur. Omwille van de verkeersveiligheid moest het kraampje verdwijnen. De gemeente Erpe-Mere voerde immers in juli 2024 een verbod in op verkoopkraampjes en -standjes langsheen de steenwegen. “Daarmee willen we de verkeersveiligheid en doorstroming verbeteren”, klonk het toen bij de toenmalige N-VA-schepen van lokale economie Gerda Van Steenberge, die tot vorige maand nog gemeenteraadslid was voor Vlaams Belang.

Strengere regels voor ambulante handel
Met het nieuwe reglement werd ambulante handel voortaan enkel nog toegelaten op specifieke locaties, voornamelijk in de dorpskernen en langs de steenweg aan de kerk van Burst. Die beslissing had directe gevolgen voor verschillende uitbaters. Zo moest Debora Winne, die jarenlang vlakbij het op- en afrittencomplex tegenover de Okay in Erpe-Mere haar aardbeien verkocht, haar activiteiten daar stopzetten.
Voor haar betekende dit een stevige impact op de omzet. Gelukkig kon ze wel uitwijken naar Herzele, waar ze haar verkoop kon verderzetten. Toch blijft het verdwijnen van het kraampje in Erpe-Mere voor veel inwoners een gemis.
Kritiek vanuit Vlaams Belang
Binnen de lokale politiek klinkt er stevige kritiek op de genomen beslissing. Voor Vlaams Belang Erpe-Mere moet de huidige schepen van Economie het dossier opnieuw herbekijken. Gemeenteraadslid Kris Dekoninck noemt het een bijzonder jammerlijke beslissing.
Volgens hem waren er in de voorbije elf jaar, waarin het kraampje op die locatie stond, geen noemenswaardige problemen. Hij stelt zich dan ook vragen bij de motivering rond verkeersveiligheid. “Dat automobilisten geen parking meer vinden bij Emotia en de voetbal op Steenberg en dan op de Oudenaardsesteenweg moeten gaan staan, dat is dan blijkbaar minder gevaarlijk”, klinkt het scherp.
Dekoninck spreekt zelfs van een situatie van twee maten en twee gewichten. Hij verwijst daarbij naar andere situaties in de buurt. Zo wijst hij erop dat er op de Oudenaardsesteenweg, langs dezelfde kant als de voormalige aardbeienverkoper en op zo’n 300 meter afstand, een automaat staat voor voeding en drank. Volgens hem bevindt die zich op een gevaarlijkere locatie, onder meer vlakbij een schoenenmaker en op amper één meter van het voetpad.
“Dus vrienden wel, en anders mag je ophoepelen. Stop gewoon de vriendjespolitiek”, stelt hij scherp.
Daarnaast benadrukt Dekoninck het belang van lokale handel. “Wou de gemeente Erpe-Mere en onze schepen van Lokale Economie niet dat we meer lokaal gingen kopen? Geef onze jonge ondernemers hier toch de kans en neem hen hun boterham niet af. Ik spreek hier over 50 percent van zijn omzet dat hier zomaar wordt afgepakt.”
Hij wijst erop dat Erpe-Mere bekendstaat om zijn KMO’s, lokale handelaars en zelfstandige ondernemers. “Wees daar dan toch eens trots op. De risico’s die ondernemers elke dag nemen in deze tijden zijn niet te schatten. Dus als fractievoorzitter van Vlaams Belang Erpe-Mere vraag ik uitdrukkelijk: steun onze ondernemers en herbekijk vooral deze zaak met de aardbeien. Iedereen lust toch liever een lekkere aardbei dan een zure pruim.”
Vlaams Belang benadrukt dat het zich blijvend zal inzetten voor alle ondernemers en lokale handelaars. “Zij verdienen meer dan ons respect. Dan pas kan men spreken over fairtrade Erpe-Mere.”

Reactie van schepen Nico Meerpoel
Schepen van Lokale Economie Nico Meerpoel (CD&V) reageert op de kritiek en benadrukt dat het gemeentebestuur zich baseert op duidelijke en objectieve regels. “Mijnheer Dekoninck heeft inderdaad goed opgemerkt dat er in juni 2024 een nieuw reglement ‘Ambulante handel op openbaar domein’ is goedgekeurd door de gemeenteraad”, stelt Meerpoel. “Het doel hiervan is om alle aanvragen voor ambulante handel eerlijk, objectief en veilig te behandelen.”
Volgens de schepen bepaalt het reglement duidelijk waar ambulante handel kan plaatsvinden en waar dit omwille van verkeersveiligheid, openbare orde en ruimtelijke ordening niet wenselijk is. De locatie van het vroegere aardbeienkraam op de Oudenaardsesteenweg ligt volgens het detailhandelsplan in een zogenaamde oranje zone, een winkelarme zone.
“Het reglement zegt daarover heel duidelijk dat er geen ambulante activiteiten worden toegelaten. Daarnaast wordt gesteld dat ambulante handel zoveel mogelijk moet worden geclusterd in de dorpskernen en winkelrijke zones.”
Meerpoel benadrukt dat deze logica consequent wordt toegepast. “Ook eerdere aanvragen voor diezelfde omgeving – zoals een foodtruckaanvraag in juni 2023 – werden geweigerd om exact dezelfde reden: niet conform het detailhandelsplan. Het gaat dus niet om politieke willekeur, maar om het toepassen van één duidelijke regel voor iedereen.”
Hij wijst erop dat verkeersveiligheid een doorslaggevende factor blijft. “Naast de drukke steenweg spelen ook zichtbaarheid, remzones, parkeergedrag en toegang tot woningen en voetpaden een rol.”
De schepen erkent dat ondernemers het niet altijd gemakkelijk hebben, maar ziet net daarom het belang van duidelijke regels. “Elke aanvraag wordt aan dezelfde criteria getoetst, zonder uitzonderingen of ‘vriendjespolitiek’. De gemeenteraad heeft dat zelf zo beslist.”
Wat betreft de automaten waarnaar verwezen wordt, verduidelijkt hij dat deze niet onder hetzelfde reglement vallen.
Alternatieve locaties en bredere visie
Het gemeentelijk reglement voorziet wel degelijk meerdere locaties waar ambulante handel mogelijk is. Zo worden onder meer Erpedorp, Meredorp, Aaigem, Bambrugge, Burst (kerk en stationsplein), Erondegem, Vlekkem en Ottergem aangeduid als geschikte plaatsen.
Volgens Meerpoel zijn deze locaties zorgvuldig gekozen omdat ze verkeersveilig zijn, voldoende ruimte bieden voor klanten en opgenomen zijn als winkelzones binnen het detailhandelsplan. Ondernemers die ambulante handel willen uitoefenen, kunnen daar terecht mits een aanvraag en naleving van de voorwaarden.
De schepen nuanceert ook de impact van ambulante handel op de lokale economie. “Als klanten aardbeien kopen aan een kraampje – wat ik zeker niets misgun – dan gebeurt die aankoop niet bij een andere lokale ondernemer.”
Tot slot benadrukt hij dat het gemeentebestuur wel degelijk respect heeft voor lokale handelaars. “Via de adviesraad lokale economie en het lokaal bestuur van UNIZO houden we een vinger aan de pols en die samenwerkingen verlopen prima.”
Blijvende discussie
Het verdwijnen van het aardbeienkraampje langs de Oudenaardsesteenweg illustreert hoe moeilijk het evenwicht kan zijn tussen verkeersveiligheid, ruimtelijke ordening en het ondersteunen van lokale ondernemers.
Waar de ene partij pleit voor flexibiliteit en kansen voor kleine handelaars, benadrukt de andere het belang van duidelijke regels en veiligheid voor alle weggebruikers. Ondertussen blijft één ding zeker: met het nieuwe seizoen in volle gang blijft de vraag naar verse, lokale aardbeien groot – al zullen inwoners er in sommige gevallen een andere weg voor moeten inslaan.
