De archeologische opgravingen op de Grote Markt in Aalst hebben meteen interessante resultaten opgeleverd. Op donderdag 29 oktober rondden de archeologen de eerste onderzoeksfase af. Ondanks de aanwezigheid van talrijke nutsleidingen, die aanvankelijk deden vermoeden dat de bodem sterk verstoord was, kwamen verrassend goed bewaarde archeologische resten aan het licht. Die geven een boeiende inkijk in de geschiedenis en de ontwikkeling van Aalst, nog vóór de aanleg van de tweede stadsomwalling in het begin van de 13de eeuw.
Van open weiland naar bewoond gebied
Uit de eerste onderzoeksresultaten blijkt dat het onderzochte gedeelte van de huidige Grote Markt tot in de 12de eeuw nog deel uitmaakte van een open landschap. Het terrein lag buiten de oudste stadskern en werd destijds voornamelijk als weiland gebruikt.
De archeologen troffen er ook een smalle gracht aan, die haaks op de huidige gevellijn liep. Die diende vermoedelijk als afbakening van een perceel en dateert uit de volle middeleeuwen. Opvallend daarbij is dat de perceelstructuur van vandaag nog altijd deze eeuwenoude indeling lijkt te volgen. Een bijzonder gegeven dat aantoont hoe sterk bepaalde historische grenzen het huidige stadsbeeld hebben beïnvloed.
Van zandwinning tot huishoudelijk afval
Ook verschillende ontginningskuilen vertellen een interessant verhaal over het vroegere gebruik van deze plek. In die kuilen werd zandleem gewonnen, een grondstof die onder meer bij bouwactiviteiten werd ingezet. Zodra de ontginning niet langer nodig was, kregen de putten een tweede functie en werden ze opgevuld met huishoudelijk afval.
Tussen dat afval vonden de archeologen verschillende aardewerkscherven, waaronder resten van zogenaamde kogelpotten. Dat zijn bolvormige kookpotten die typisch waren voor de middeleeuwen. Sommige exemplaren hebben een opvallende sikkelvormige rand, een kenmerk dat specifiek naar de 12de eeuw verwijst.
Deze vondsten leveren belangrijke aanwijzingen op over de evolutie van het gebied. Ze tonen namelijk aan dat de omgeving in de loop van de 12de eeuw geleidelijk aan ook voor bewoning werd gebruikt.
Eerste tekenen van marktactiviteiten in de 13de eeuw
In de tweede helft van de 13de eeuw onderging het terrein opnieuw een belangrijke verandering. De archeologen ontdekten een donkere, bijna zwarte bodemlaag die zowel het vroegere weiland als de oudere ontginningskuilen bedekte.
Deze laag bestaat uit een opeenhoping van afval en looplagen en houdt verband met de eerste marktactiviteiten op deze locatie. Daarmee wordt duidelijk dat de plek stilaan een nieuwe functie kreeg binnen het groeiende stadsleven van Aalst. Wat ooit een open landschap was, evolueerde naar een plaats waar handel, ontmoeting en dagelijkse bedrijvigheid steeds meer hun plaats vonden.
Verdere opgravingen moeten geschiedenis ontrafelen
Met het afronden van de eerste onderzoeksfase is het archeologische verhaal op de Grote Markt nog lang niet ten einde. In de volgende fases willen de archeologen verder onderzoeken hoe de oudste bewoningssporen zich verhouden tot de latere ontwikkeling en geschiedenis van de markt.
De eerste bevindingen sluiten alvast aan bij eerdere archeologische onderzoeken in het stadhuis en op de binnenkoer. Ook daar werden aanwijzingen gevonden dat de bewoning in Aalst zich al vóór de aanleg van de tweede stadsomwalling buiten de oorspronkelijke stadsgrenzen uitbreidde. Die eerste stadsomwalling liep ter hoogte van de huidige Kerkstraat.
De conclusie is duidelijk: onder de vertrouwde kasseien van de Grote Markt schuilt een bijzonder stukje Aalsterse geschiedenis. De vondsten tonen hoe een open landschap doorheen de middeleeuwen langzaam veranderde in een bewoond en economisch belangrijk stadsgebied. Elke opgegraven laag voegt daarbij een nieuw hoofdstuk toe aan het verhaal van het ontstaan en de groei van Aalst.

