De renovatie van een voormalig pomphuis tot openbaar toilet op de site De Motte heeft voor stevige beroering gezorgd tijdens de voorbije gemeenteraad van Erpe-Mere. Vlaams Belang bracht als eerste de opmerkelijke kostprijs van 182.435 euro ter sprake voor de inrichting van drie toiletten. Een bedrag dat volgens oppositieraadslid Kris De Koninck (Vlaams Belang) niet te verantwoorden valt en symbool staat voor een gebrek aan duidelijke visie rond de invulling van het domein.
“Toen werd het muisstil in de raadzaal”
Het was Kris De Koninck die tijdens de gemeenteraad de kat de bel aanbond. Hij stelde zich ernstige vragen bij de uitgaven voor de renovatie van het pomphuis op De Motte. “182.416 euro voor drie toiletten, toen werd het muisstil in de raadzaal. Sommigen vielen bijna van hun stoel,” aldus De Koninck.
Volgens het Vlaams Belang-gemeenteraadslid wringt het des te meer omdat hij drie maanden geleden al expliciet had gewezen op het gebrek aan sanitaire voorzieningen aan het skatepark langs de Oudenaardsesteenweg, waar dagelijks kinderen komen spelen en waar ook picknickzones en tuintjes zijn ingericht. “Toen kreeg ik van de burgemeester te horen dat je niet overal toiletten kan plaatsen,” klinkt het scherp.
“Hier wordt met twee maten en twee gewichten gewerkt”
De Koninck verwijt het bestuur een tegenstrijdige houding. “Nu zegt schepen Marleen Lambrecht plots dat de gemeente verplicht is om toiletten te voorzien op openbaar domein. Dat is compleet in tegenspraak met wat enkele maanden geleden werd verklaard. Hier wordt duidelijk met twee maten en twee gewichten gewerkt,” stelt hij.
Volgens De Koninck ontbreekt het bovendien aan een duidelijke toekomstvisie voor De Motte. “Er is momenteel geen echte visie. Men spreekt over pop-upactiviteiten, maar intussen wordt er wel een pak geld uitgegeven. Dat is naar mijn mening weggegooid geld, terwijl er dringender noden zijn: onze wegeninfrastructuur, voetpaden en fietspaden.”
Hij stelt zich ook fundamentele vragen bij de aankoop en invulling van de site. “Als je iets aankoopt en twee jaar later nog altijd niet weet wat je ermee wil doen, moet je je afvragen of die aankoop wel noodzakelijk was en wat de meerwaarde is voor ons dorp.”
Reactie van schepen Marleen Lambrecht (CD&V).
Schepen Marleen Lambrecht (CD&V) weerlegt de kritiek dat er geen visie zou zijn. “Het is niet omdat we onze visie niet met de oppositie bespreken dat we er niet verder aan werken binnen het college,” reageert ze.
Volgens Lambrecht wil het bestuur momenteel eerst aftoetsen of er interesse bestaat voor tijdelijke invullingen. “Op dit moment willen we nagaan of er interesse is voor pop-upactiviteiten. De voorwaarden daarvoor zijn duidelijk omschreven en er komt ook een reglement.”
Wat de sanitaire voorzieningen betreft, benadrukt de schepen dat organisatoren van pop-ups zelf verantwoordelijk zijn voor tijdelijke toiletten. “Dat staat expliciet vermeld in de marktbevraging die momenteel loopt,” verduidelijkt Lambrecht. “Wij bespreken binnen de meerderheid nog wat we met het gebouw zullen doen en beperken onze investeringen voorlopig tot beschermende maatregelen voor de erfgoedconstructies.”
Blijvend debat over prioriteiten.
Het dossier De Motte blijft zo een gevoelig punt binnen de gemeentepolitiek van Erpe-Mere. Waar de meerderheid spreekt over een voorzichtige en gefaseerde aanpak, hekelt de oppositie de hoge kosten en het volgens hen ontbreken van duidelijke keuzes. Eén ding is duidelijk: het debat over publieke investeringen, prioriteiten en visie zal de komende maanden ongetwijfeld verder blijven nazinderen.

