Het gemeentebestuur van Lede pakt in zijn meerjarenplan 2026-2031 uit met grote woorden: recordinvesteringen, een ambitieus toekomstbeeld en een financieel sluitend verhaal. Maar achter die façade schuilt volgens de oppositie GROEN een heel andere realiteit. Wie het plan grondig analyseert, ziet geen robuuste financiële strategie, maar een grootschalige uitverkoop van gemeentelijk patrimonium, waarbij de ingeschreven inkomsten niet alleen onzeker zijn, maar volgens critici ronduit illusoir.
13 miljoen euro uit verkoop: veelbelovend op papier, onzeker in realiteit.
Om de geplande investeringen te financieren, rekent het gemeentebestuur op ongeveer 13 miljoen euro aan inkomsten uit de verkoop van gronden en gebouwen. Het gaat daarbij niet om een beperkt of zorgvuldig afgewogen pakket, maar om een brede waaier aan eigendommen: parkzones, bouwgronden, landbouwpercelen, watergevoelige percelen en zelfs sociale woningen.
Volgens Groen-gemeenteraadslid Jo Maebe doet vooral de omvang en aard van deze verkooplijst de wenkbrauwen fronsen. “Dit is geen selectieve optimalisatie van het patrimonium, maar een structurele uitverkoop die de gemeente op lange termijn verarmt,” stelt hij.
Buurtpark Hulst dreigt te verdwijnen ondanks eerdere beloften.
Een van de meest symbolische dossiers is het buurt- en speelpark in de Hulst. Dat park, jarenlang voorgesteld als een blijvende groene ontmoetingsplek voor de buurt, dreigt nu alsnog verkocht te worden. Dat staat haaks op eerdere engagementen van het bestuur om dit park te behouden.
“Groene ruimte verdwijnt hier niet per ongeluk, maar wordt bewust opgeofferd om gaten in de begroting te dichten,” klinkt het scherp vanuit de oppositie. Volgens Groen is dit een illustratie van hoe korte termijnfinanciering primeert op leefkwaliteit en langetermijnvisie.
Uniek in Vlaanderen: verkoop van waterzieke percelen.
Nog opvallender is dat Lede als enige Vlaamse gemeente expliciet inzet op de verkoop van waterzieke percelen. Dergelijke gronden zijn net omwille van hun watergevoelig karakter problematisch en risicovol voor bebouwing. Toch worden ze in het meerjarenplan ingeschreven als potentiële inkomstenbron.
Daarbovenop worden landbouwpercelen herbestemd tot woongebied en worden, tegen het advies van experten in, bouwpercelen gepland in een ongewenst woonlint. “Dat zijn keuzes die niet alleen ruimtelijk onverantwoord zijn, maar ook juridisch en financieel risico’s inhouden,” waarschuwt Maebe. “Als vergunningen later sneuvelen, valt ook de verwachte verkoopopbrengst weg.”
Sociale woningen “De Kat”: financieel én maatschappelijk onbegrijpelijk.
Een ander zwaar kritiekpunt is de geplande versnelde verkoop van zestien sociale woningen in de wijk “De Kat”. Voor Groen is dit dossier exemplarisch voor de kortzichtigheid van het plan.
“Dit is te gek voor woorden,” zegt Jo Maebe. “Los van de sociale impact is dit zelfs financieel onlogisch. Een verkoop vóór 2031 betekent dat de gemeente subsidies én intresten moet terugbetalen aan Vlaanderen. Men boekt vandaag inkomsten in, maar creëert tegelijk een toekomstige financiële kater.”
Volgens de oppositie ondergraaft deze beslissing niet alleen het sociale woonbeleid, maar ook de geloofwaardigheid van het financiële luik van het meerjarenplan.
Druk op 2026: verkopen moeten snel gebeuren.
De timing van de verkopen maakt het plaatje nog problematischer. Een eerste reeks verkopen, goed voor een geraamde opbrengst van 5,5 miljoen euro, moet snel gerealiseerd worden. In de begroting voor 2026 alleen al wordt immers al meer dan 4 miljoen euro aan inkomsten uit patrimoniumverkoop ingeschreven.
Een tweede reeks verkopen zou later nog eens 7,7 miljoen euro moeten opleveren. Volgens Groen is het echter zeer de vraag of die bedragen binnen de voorziene termijnen haalbaar zijn.
Fouten en dubbele inschrijvingen in de begroting.
Bij de analyse van de cijfers stootte de oppositie bovendien op opvallende onzorgvuldigheden. Zo blijkt de verkoop van een waterziek bouwperceel in de Steenstraat twee keer te zijn gebudgetteerd.
“Wij hebben expliciet gevraagd om die fout recht te zetten,” aldus Maebe. “Maar de meerderheid weigerde om de raming aan te passen.” Volgens Groen ondermijnt dat de betrouwbaarheid van het hele financiële kader.
Daarnaast wijst Maebe erop dat bepaalde verkopen, zoals de uitbreiding van een KMO-zone in Oordegem, nog een lang en complex planmatig traject vereisen. “Dat zijn processen met onzekere uitkomst. Toch worden de verwachte opbrengsten vandaag al als quasi zeker ingeschreven.”
Vastgoedstrategie van 195.000 euro… zonder vastgoed?
Opvallend is dat het gemeentebestuur 195.000 euro uittrekt voor de opmaak van een vastgoedstrategie op strategisch, tactisch en operationeel niveau. Volgens Groen is dat bedrag moeilijk te verantwoorden.
“Als je kijkt naar de verkopen die al in 2026 gepland staan, blijft er amper patrimonium over om een strategie rond uit te werken,” zegt Maebe. “Dat maakt deze uitgave bijna absurd.”
“Onvoorbereide en onverantwoorde uitverkoop”
De conclusie van Groen is dan ook bijzonder scherp. “Wat hier voorligt, is geen doordacht investeringsbeleid, maar een onvoorbereide en onverantwoorde uitverkoop van gemeentelijk patrimonium,” besluit Jo Maebe. “De ingeschreven 13 miljoen euro aan inkomsten is een illusie. Intussen verliest Lede waardevolle publieke gronden, groenruimte en sociale woningen, zonder enige garantie dat de financiële beloftes ooit worden waargemaakt.”
Het meerjarenplan 2026-2031 belooft dan ook nog stevige discussies in de gemeenteraad. De fundamentele vraag blijft: bouwt Lede aan een duurzame toekomst, of verkoopt het vandaag zijn publieke bezit om morgen met lege handen te staan?