Over carnaval wordt bijna evenveel geschreven als verteld. En dat is – al 40 jaar lang – mede dankzij het Dokumentatiecentrum Aalst Karnaval. DAK begon als een eenmalig initiatief onder drie vrienden, maar groeide uit tot een geolied redactieteam. Antoine Van der Heyden stond sinds het begin aan het roer, maar zet nu een stapje terug, samen met zijn decennialange compagnon de route Roger Van Langenhove. “Maar DAK verlaten? Nooit.”
Gedrukt op papieroverschotten.
Wie zich afvraagt hoe een carnavalspalmares een woonkamer kan vullen, moet een bezoekje brengen aan Antoine in de Sint-Annawijk. Tussen de herinneringen aan zijn prinsenjaar in 1974 en de prinsencampagne van zijn zoon Stijn, 50 jaar later, liggen vijf decennia aan carnavalsgeschiedenis samengevat in boeken en fotoboekjes van DAK.
“Dat was niet de bedoeling”, lacht Antoine. “In 1975 verscheen een boek over onze carnavalsgeschiedenis. Een herdruk kwam er niet, hoewel de vraag groot was. Althans, dat liet ik me wijsmaken door Stefaan Vinck (Prins Carnaval 1981), die vond dat wij dan maar zelf een vervolg moesten schrijven. Onze derde man, Cyriel Temmerman, nam vooral de teksten voor z’n rekening. Stefaan werkte in een drukkerij, en wij konden er ons boek printen op papieroverschotten. In 1985 verscheen het eerste boek en werd DAK een vzw. Cyriel hield ermee op – hij wilde niet met computers werken – maar DAK ging door. De carnavals bleven komen, dus moesten wij blijven schrijven, vonden we. Gelukkig kregen we vanuit de drukkerswereld praktische tips, want ik had aanvankelijk nul ervaring met schrijven. Ik diende mijn teksten in het blauw in, en kreeg ze in het rood terug. Sponsordeals binnenhalen was meer mijn ding.”
200 000 foto’s.
Roger sloot 10 jaar later aan. “Ik werd de huisfotograaf maar nu ben ik de tekstcorrector. Elke vijf jaar maken we een boek dat in tekst en foto’s de voorbije carnavalsedities beschrijft. Tussenin maken we kunstfotoboeken en jaarlijks produceren we stoetfotoboekjes die we verkopen tijdens de Voil Jeanettenstoet. Jaarlijks organiseren we ook een fotowedstrijd. Daardoor hebben we nu een beeldarchief van zo’n 200 000 foto’s.”
Vertragen, net als de stoet.
Op 30 november verschijnt een nieuw boek. Nu er 50 jaar carnavalshistorie op papier staat, zetten Antoine en Roger een stapje opzij. Voor Roger wordt de job van corrector te zwaar, terwijl Antoines zicht te veel achteruitgaat om nog lang naar een scherm te staren. Toch nemen ze geen afscheid. “We vertragen, net als de stoet deed doorheen de jaren. Maar DAK verlaten? Nee, daarvoor zijn de carnavalskriebels nog te sterk. Gelukkig is de vereniging in goede handen. De ploeg groeide stelselmatig en zij zetten ons werk verder. Onlangs deden we zelfs een sollicitatieronde voor nieuwe vrijwilligers.”
Koninklijk met een K.
De heren koesteren nog DAK-dromen. “Ik wil ons archief ontsluiten”, zegt Roger. Antoine telt af naar het 50ste jubileum. “Dan wordt DAK een koninklijke vereniging. Op voorwaarde dat we onze naam behouden, daarom schrijven we daar nog steeds Karnaval met een K. En op voorwaarde dat we nog leven, natuurlijk. Nog 10 jaar, dat halen we! (lacht)”
Bron: Stad Aalst.